Welkom bij het Ministerie…

Featured

Een website over Eten, Drinken en Andere genoegens…                                          In 1999 schreef ik een jaar lang elke dag op wat we aten, dronken en alles wat daarmee te maken had.
Ik wilde zo voor mezelf het laatste jaar van de Twintigste Eeuw vastleggen. 
Dat bleek al snel een verslaving en na 1999 ging ik dan ook door met het schrijven van mijn kookdagboek. Stapels schriftjes schreef ik vol, tot ik in augustus 2005 de digitale mogelijkheden ontdekte van een website. Vanaf die tijd schrijf ik, samen met mijn partner Paul, op deze website over eten, drinken en andere genoegens.

Stoof van wildzwijn…

IMG_0780
Een frietje stoofvlees zou je kunnen zeggen, maar dat is te oneerbiedig. Stoofvlees met fritten klinkt al wat beter, maar ook die benaming doet te weinig recht aan de schotel. Stoverij of stoof van wildzwijn dekt de lading pas echt…

Ik bezocht gisteren het Café van Meester Jan, en tegen de tijd dat ik huiswaarts wilde keren kreeg ik een bak stoverij toegestopt. Vriend Jan had het vlees die ochtend bereid en natuurlijk was de hoeveelheid veel te veel voor het tweepersoonshuishouden dat Ans en Vriend Jan tegenwoordig voeren ( stoverij maak je altijd teveel…). En omdat ik stiekum een brokje uit de pan had gestolen, maar daarna niet kon nalaten om zijn schotel te roemen, besloot Vriend Jan om de helft van de schotel te verpakken en hem mij bij het afscheid mee te geven. Ik was er verguld mee…

Het is wonderlijk hoe gerechten volkomen anders kunnen smaken terwijl de ingrediënten nagenoeg dezelfde zijn, Vriend Jan gebruikt nauwelijks andere zaken dan wij zouden doen, en toch lijkt het alsof je volkomen andere gerechten zit te eten…

Nou ja, een beetje verklaren kan ik het wel. Daar waar wij doorgaans de gekweekte versie van het wildzwijn gebruiken verwerkte Vriend Jan de wilde variant. En verder is het voornamelijk een kwestie van dezelfde groenten en specerijen, maar in andere verhoudingen. Zoiets…

Thuisgekomen lieten we de plannen voor de maaltijd van deze avond voor wat ze waren en gingen meteen aan de slag met de stoverij (opwarmen…). We bakten er frietjes bij en meer hoefde dat niet te zijn. We beleefden een culinaire vrijdagavond.

Een stevig glas rode wijn uit Asti erbij en een kopje espresso toe…

© paul

Worteltjes gestoofd in Nouilly Prat…

Worteltjes gestoofd in Noilly Prat...
Je zou peen moeten zeggen, want dat is de eigenlijke benaming voor die oranje dingen. Het woord wortel kan in principe een aanduiding zijn voor allerlei knol- en wortelgespuis. Maar hier in Zuidoost-Brabant heet peen nu eenmaal wortel. Ik ben het niet anders gewend en dat houd ik dan maar zo.

Elke keer wanneer ik over een Franse markt struin vallen de enorme hoeveelheden wortelen me op. Torenhoge stapels winterwortel, bospeen, waspeen. Voor het deel van Wallonië waar we regelmatig verblijven geldt hetzelfde. En ook de groetenafdeling van de Supermarché in die streken laat zich niet onbetuigd, hele bergen worden er aangeboden. Wat doen ze er toch mee? De hoeveelheden suggereren dat men een paar maal per week worteltjes eet, ik kan me dat nauwelijks voorstellen. En ik weet wel dat in heel veel bereidingen wortel een noodzaak is (stoofpotten, sauzen, bouillons en soepen), maar daar kan dat giga-kwantum toch ook niet aan opgaan? Enfin, het zal een raadsel blijven…

In mijn omgeving worden eigenlijk weinig worteltjes gegeten. Ze gaan door de stamppot en vullen in minivorm soms de groenten van de avondmaaltijd aan, en dat was het dan wel. In vergelijk met onze omgeving is het Ministerie grootverbruiker, want hier wordt nog wel soep getrokken, vlees gestoofd en saus bereid. En met regelmaat verschijnt het worteltje of zijn grote broer als groentegerecht op tafel. We proberen er wel altijd nét iets meer van te maken…

  • 350 gram wortelen,
  • 30 gram boter,
  • 1theelepel suiker of honing,
  • 1/2 theelepel karwijzaad (kümmel),
  • peper en zout,
  • 3 eetlepels witte wijn,
  • 2 eetlepels Noilly Prat (Franse vermouth).
  • vers gehakte peterselie

Schrap de wortelen en schaaf ze in heel dunne plakjes. Smelt in een stevige stoofpan met deksel de boter en stort de wortelschijfjes daarin. Doe er de suiker en het karwijzaad bij. Geef een flinke zwieper met de pepermolen en sprenkel zout naar smaak. Laat alles op een hoog vuur twee minuten doorbakken onder voortdurend omscheppen. Giet er dan de witte wijn en vermouth bij en breng de vloeistof even aan de kook. Zet de pan dan op een klein pitje en laat alles een goede tien minuten stoven met de deksel op de pan. Controleer na tien minuten smaak en gaarheid, bestrooi rijkelijk met peterselie en dien vervolgens warm op.

We aten er lamskarbonaadjes bij en aardappeltjes uit de oven. Kopje espresso toe…

© paul

 

Gebakken mosseltjes als lunch…

Gebakken mosseltjes...
En natuurlijk aten we mosselen, want het was er de tijd voor. (Maar het is eigenlijk altijd tijd voor mosselen…)

En natuurlijk hielden we mosselen over. (De één kiloverpakking is te weinig, de twee kiloverpakking is teveel. We kiezen altijd voor twee kilo…)

En natuurlijk gooiden we het restant aan mosselen niet weg. (Je kunt er van alles mee doen: als garnering bij een vissoepje, als vulling bij een pastasaus, als koud hapje in een salade, als tapashapje in tomatensaus…)

En natuurlijk bakten we de mosseltjes de volgende dag op. (Want dat vinden we het lekkerst…)

Enfin…

Haal na de reguliere mosselmaaltijd de diertjes uit de resterende schelpen en zet ze in de koelkast. Laat ze de volgende dag even op temperatuur komen. Dep dan de mosselen droog met keukenpapier en bestuif ze vervolgens lichtjes met bloem waar je naar behoefte peper en zout door hebt gemengd. Verhit olie of boter in een koekenpan en bak de mosseltjes mooi lichtbruin op een niet al te hoog vuur.

Dien de mosselen warm op. Een schijf citroen erbij vinden ze heerlijk. En natuurlijk een klodder van de beste mayonaise, liefst zelfgemaakt. Mosselen zijn dol op knoflookmayonaise. Een beetje sla erbij mag ook best. Een droomlunch lezer, een droomlunch…

© paul

Knoflooksoep tegen griep en andere ongemakken!

soep uit La Macha
Half Nederland loopt te snotteren en te sniffen, (ik schrijf expres niet snuiven, dat heeft hier in het Zuiden tegenwoordig een andere betekenis), men heeft griep, is verkouden of hoe je het ook noemen wilt. Ook wij ontkwamen er niet aan, een fikse verkoudheid met rillingen en een onbehaaglijk gevoel. Je kunt dan naar de huisarts gaan maar die hebben het al druk genoeg met ernstige gevallen. Beter is om deze soep te maken en te eten, je zult zien, soep helpt! Ik maak deze soep altijd flink heet met spaanse pepers, dán kun je snotteren!

Voor vier personen:

  • De oven voorverwarmen op 200 graden.
  • 4 flinke sneden oud witbrood, of oud stokbrood, in kleine stukjes gesneden
  • 1 liter bouillon
  • 75 gram gerookte ham in kleine sliertjes
  • 1 theelepel paprikapoeder mild
  • 1/2 theelepel chilipoeder
  • eventueel, voor de echte liefhebbers, een Spaanse peper in reepjes gesneden
  • 4 eetlepels olijfolie
  • zeker 8 ferme tenen knoflook, geplet en fijngehakt
  • 1 eetlepel vers gehakte platte peterselie
  • 4 eieren

Verwarm de olijfolie en bak daarin het brood goudbruin. Voeg de knoflook toe en de reepjes ham en laat ze even meebruinen. Doe er het paprikapoeder de chili en eventueel de Spaanse peper bij, roer even goed om en giet de bouillon er bij. Laat de soep zo ongeveer 20 minuten zachtjes pruttelen.

Verdeel de soep over vier ovenvaste kommen of schaaltjes en laat in elk schaaltje voorzichtig een ei glijden. (zonder de schaal natuurlijk!) Zet de kommen dan 10 minuten in de hete oven, strooi er wat peterselie over en dien meteen op. Deze soep moet gloeiend heet gegeten worden. De bedoeling is dat het eiwit gestold is en het geel nog wat zacht en vloeibaar.

Kopje espresso toe, en beterschap!

© ellen.

Van Grijze Garnalen en AGVtjes…

Grijze garnaaltjes, geroosterd brood...
De Feestdagen zijn definitief voorbij nu de leftovers van het kerstdiner, de sneukelhapjes, het snoep en de laatste oliebol zijn verwerkt en gegeten. Dat het voorbij is merk je ook aan de menukeuze hier ten huize. Even geen gecompliceerde zaken, even gewoon AGV (hetwelk staat voor aardappel-groente-vlees).

Zo hadden we gisteren een prima kalfsschnitzel in de pan. Gestoofde groentjes erbij (courgettes, sjalot, doperwtjes en knoflook) en aardappeltjes overbakken met Brie-de-Meaux. ‘n Stukje kaas toe en natuurlijk een kopje espresso. We konden het even niet opbrengen om er een foto van te maken, dus je moet het met iets geheel anders doen.

De foto in de kop dateert nog van vóór de Kerst. Toen ik namelijk met Julia de inkopen deed voor het Grote Diner bleken er wel drie viskramen verse ongepelde grijze  garnalen te staan. En dat terwijl er nog niet zo heel lang geleden geen grijze garnaal te bekennen was op de hele markt. Het zal ongetwijfeld te maken hebben gehad met de feestdagen dat het aanbod zo riant was, maar ik hoop toch stilletjes dat op z’n minst één van die kramen de ongepelde waar in het assortiment blijft voeren.

Enfin, kijk even naar de foto en het water loopt je in de mond, dat kan niet anders. En meer hoeft het heus niet te zijn dan zelf gepelde garnaaltjes, goede mayonaise, een paar sneetjes geroosterd brood en een beetje groen. Wij aten ze als luxe-lunch tijdens het bereiden van het Kerstdiner.

© paul

Gelukkig Nieuwjaar lezer…

Crémant Poll - Fabaire, cuvée 2010 brut

De wandklok tikt iets te luidruchtig in de richting van het volgende uur. Een nieuwe dag heeft z’n aanvang genomen: woensdag 4 januari 2017. Ik vergeet intussen alweer om de mensen die ik ontmoet een Gelukkig Nieuwjaar te wensen, zo snel gaat dat.

We doorstonden de jaarwissel gedrieën; Hond Jaros, Ellen en ik. Hond Jaros was de hele dag al gespannen, hij schrok van elk vuurwerkgeluid en liep rusteloos in hoog tempo door het huis te draven, luid blaffend naar elke knal. We hebben hem dan maar onder een pharmaceutisch dekentje gelegd. ‘s Avonds tegen tienen stuikte hij om en werd het aangenaam rustig op het Ministerie. We openden een fles Pommery, genoten van de wijn en van Claudia de Breij en schoven zo zoetjes het nieuwe jaar binnen.

Op Nieuwjaarsdag was het feest op het Ministerie. Jop kwam zijn opwachting maken, samen met zijn ouders, hij schoot onmiddellijk aan de oliebollen die Ellen de dag daarvoor had gebakken. Ans en Vriend Jan waren er, Marleen en de Jongste Bediende en ook Evert en Neel. De Keizer van Monera kwam zijn felicitaties al eerder op de dag brengen. Hij was er vroeg bij, ik zat nog in mijn kamerjas…

We dronken champagne en crémant, stokoude Orval en bieren van het Kapittel. Er was uitgelezen gerookte zalm en Canadese kreeft met zachte, lobbige mayonaise, er was worst, er was ham en op het eind die heel intens smakende ossenstaartsoep. Het oude jaar werd becommentarieerd, het nieuwe werd alvast besproken en we namen ons voor om er ook dit jaar weer het beste van te maken…

En nu dus is het nieuwe jaar alweer een paar dagen oud. Met weemoed namen we gisteren afscheid van de Kerstboom, de sporen van de voorbije feestdagen zijn nagenoeg gewist. Maar toch lezer, uit de grond van ons hart wensen we je alsnog alle gezondheid en geluk voor het jaar dat we 2017 noemen.

Bonne année, Glückliches neues Jahr, Happy New Year an e gudde Rutsch an d’neit Joer…

Ellen-Paul…

Wat eraan vooraf ging…

IMG_0617Het zal een uur of twee geweest zijn toen we op vrijdagmiddag op onze vaste plaats aan de keukentafel schoven. Nagenoeg alle boodschappen waren gedaan, de spulletjes opgeborgen, het huis gepoetst en de vermeende kerststress was in geen velden of wegen te bespeuren…

Zeeën van tijd hadden we; genoeg tijd om nog even het Café van Meester Jan te bezoeken en daarna de verjaardag van de Twins te vieren (negentien lentes zijn die kruimels alweer, waar blijft de tijd?..) Er was tijd genoeg voor een rustige maaltijd met z’n tweeën en Ellen vond ook nog ruimte om een swingende vulling te bereiden voor de visterrine die als voorgerecht gedacht was voor het nakend Kerstdiner, (enfin, voor twintig personen toch, da’s-nie niks).

Op zaterdag had ik een afspraak met Julia, onze vaste kracht bij het betere snij- en sloopwerk, en ook een beetje bij de noodzakelijke logistiek (zie kopfoto…).We zouden in alle vroegte naar de zaterdagmarkt in Helmond gaan om de laatste noodzakelijke inkopen bij elkaar te scharrelen. En aldus geschiedde. Tot grote hilariteit van Ellen d’r Facebookvrienden en tot grote ergernis (of was het scepsis) van Ellen lagen na ons vertrek de boodschappenlijst en mijn mobile communicatiemiddel eenzaam en vergeten op de keukentafel. Evengoed sprokkelden Julia en ik nagenoeg alle bestellingen bij elkaar, zomaar uit het blote hoofd. Nou ja, we vergaten de Mistletoe, de Fresia’s en kruiderij, maar een kleinigheidje blijf je altijd houden…

Terug thuis bleek Ellen al een gedeelte van het kerstdiner klaar te hebben en in de loop van de dag bereidde ze de rest. Mij restte slechts een torenhoge afwas. Maar géén kerststress…

Kersttip: laat ons Marleen een werkschema maken voor je feestje… Bij ons begon dat zo’n tien jaar geleden. Marleen deelde alle werkzaamheden in, hing er tijd en plaats aan en koppelde alle taken aan de competenties van de afzonderlijke deelnemers van het kerstdiner. Het weldadige gevolg van dat werkschema is dat Ellen en ik ons alleen druk hoeven te maken over het Kerstdiner, over voedsel en drank. De Twins boenen het zilver...

De menukaart wordt ontworpen en gedrukt. Voorts is er is een ploeg die meubilair aanvoert en op Tweede Kerstdag weer afvoert (en de gigantische kerstboom verplaatst). Er is volk om het bestek te poetsen, de kerstdecoraties te fröbelen, de tafel te dekken en de glazen op te wrijven. Er wordt stof gezogen, de vloeren worden gedweild en de hond geniet een extra wandeling. Om al die beslommeringen hoeven wij ons niet te bekommeren en de indeling van de werkzaamheden is van dien aard dat niemand ons in de keuken voor de voeten loopt. Tussen het diner en de kadootjes is er tijd om af te wassen. Ook dat heeft Marleen geregeld en met een gemotiveerd ploegje gaat het razend snel. En het aardige is dat al dat werk op Tweede Kerstdag nog eens wordt herhaald, zodat ons huis kort na het middaguur weer spic-and-span op orde is, gewoon alsof er niets is gebeurd. Een ware aanrader, zo’n werklijstje.

Enfin, na het gekook en het gepoets wordt het toch nog gezellig, elk jaar weer. Een deel van het volk blijft zitten aan de keukentafel, keurt alvast de Kerstwijn en pikt een hapje mee van het overschot van de diverse gerechten. Men doet zich alvast tegoed aan de bonbons die toch écht bedoeld zijn voor ná het diner, snuffelt eens wat aan de Armagnac en proeft een flintertje kaas. Of men drinkt gewoon een  kopje thee…

Ook dit ritueel herhaalt zich op Tweede Kerstdag, maar dan met de left-overs….

Enfin, over het diner komen we morgen te vertellen. Zoveel is zeker: geen gestress dit jaar, alles liep op rolletjes. Voor zover ik het kan inschatten (en dat kan ik in dit geval met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid) had iedereen het prima naar zijn zin. En onze Jop nog wel in het bijzonder. Hij keek zijn ogen uit, viel van de ene verbazing in de andere en nam luidkeels deel aan de conversatie (jammer genoeg was het niet helemaal duidelijk wat hij probeerde te vertellen). Toen er dan na de maaltijd gedanst werd raakte hij helemaal door het dolle en sloeg spontaan aan het haedbangen (waar heeft-ie dat nu weer vandaan?).

Een beetje weemoedig bedenk ik dat Jop zich van al dat gefeest en gedoe niks zal herinneren, een peuter die nog twee moet worden heeft niet het vermogen om dat allemaal op te slaan. Maar de basis hebben we gelegd… En er zijn altijd nog foto’s, filmpjes en stukje op de website…

© paul

In Flanders Fields…

unike Poppykrans...
Duizend maal excuus voor de tijdspanne tussen dit artikel en het vorige,  want juist in deze dagen voor de Kerst bezoekt men het Ministerie massaal (ruim twaalfhonderd unieke bezoekers per dag..). En dan staat er niks nieuws op de site…

Enfin, eerlijk is eerlijk, ik nam een slag om de arm en verwittigde je van het feit dat we het razend druk hadden (zie vorig artikel). Simpelweg komt het erop neer dat we er even niet waren. We verbleven in de Westhoek, het deel van Vlaanderen dat de Eerste Wereldoorlog in z’n meest heftige vorm te verduren kreeg. Met name de stad Ieper en de dorpjes daaromheen moesten het in ultimo ontgelden. Alles ging plat, geen steen stond meer op de andere…

En in dat stadje Ieper verbleven wij, honderd jaar na dato; we waren er met Ans en Vriend Jan. We woonden in een appartement, gelegen op een paar honderd meter van de Grote Markt en elke avond werd er de Last Post geblazen aan de Menenpoort bij ons om de hoek. We verbleven er omwille van het raadsel van de Eerste Wereldoorlog, maar er was meer…

Het beroemde (beruchte) bieretablissement De Twaalf Apostels was gevestigd aan de kop van onze straat, we werden er stamgast. Verder aten we er van alles in die stad en de kwaliteit was Vlaanderen op z’n best: van goedburgerlijke maaltijden tot exquise gerechtjes…

We zwierven door de Westhoek, deels op aanwijzing van (andere) Ans en Alex en we bezochten al die plaatsen die deel uitmaken van dat schuldig landschap (quote Armando); Langemark, Poelkapelle, Zonnebeke, Sint Jan, Poperinge…

Enfin, natuurlijk deden we ook Westvleteren aan. En bij uitzondering ging het daar niet over die Gruwelijke Oorlog, maar was het de verlokking van het Beste Bier ter Wereld, die ons oponthoud bepaalde. Maar daarover later meer.

Een verblijf in de Westhoek, in Ieper, is een onvergetelijke belevenis. Het kan niet anders dan dat je geïmponeerd, geëmotioneerd, gedesoriënteerd en geïndoctrineerd raakt. En passivist wordt. Het was heftig en wij werden er stil van…

Ps.: de foto toont een krans van kunststof klaprozen, hét symbool van het respect voor, de herdenking van, en het eerbetoon aan al die gevallenen in The Great War (La Grande Guerre, Der Grosse Krieg).

(Voor de goede orde: vanaf morgen volg je op deze web site ons gedoe met het aanstaand Kerstdiner en de festiviteiten daar omheen. Het gaat allemaal goed komen, zoveel is zeker…)

© ellen en paul…

Kersttip: Risotto met truffel…

risotto met truffel
Of het er dit jaar nog van komt om meer kersttips te publiceren op deze website valt te bezien. We hebben het de komende dagen nogal druk, en dan wil het werk op het Ministerie er nog wel eens bij inschieten. Maar vandaag heb ik er in ieder geval eentje: Risotto met truffel.

Over de verwerpelijkheid van koken uit pakjes en zakjes vond je al regelmatig artikelen op deze plaats. Maar er zijn altijd uitzonderingen die de regel bevestigen; Ellen schreef al eens over haar avonturen met truffelrisotto. Het komt uit een pakje en je hoeft je er in het geheel niet voor te schamen.

Het beoogde pakje (of zakje, wat je maar wilt) komt van een bedrijf dat zijn oorsprong heeft in Italië maar sinds 2004 ook een onderkomen betrekt in België. Het bedrijf luistert naar der naam Le Palais de la Truffe/ Eurotruffe. Je kunt hun Risotto à la Truffe bestellen via internet, maar in België en Luxemburg wordt die ook rond de feestdagen aangeboden in een aantal supermarkten (Cactus, Cora, Match en mogelijk nog andere, maar daar heb ik geen weet van). De prijs is om en nabij € 8,- voor 170 gram rijst met paddenstoelentoevoeging. Het uiteindelijk gerecht voldoet als hoofdgerecht voor twee personen, als voor- of tussengerecht kun je er veel meer mensen mee bedienen.

Niet is de inhoud van dit pakje al voorgegaard, je moet er zelf nog even aan werken. De ingrediënten zijn vacuüm getrokken in plastic. De inhoud bestaat uit eersteklas Carnarolirijst, de Rolls-Royce onder de risottorijsten uit Lombardije en Piemonte. Vervolgens bevat het zakje (minder dan een half procent) Zomertruffel, aangevuld met eenvoudige Champignons. Truffelaroma maakt de zaak compleet.

De manier van bereiden wijkt af van die van de traditionele risotto, maar wanneer je je aan de instructie op het pak houdt komt het allemaal goed. Wel wil Ellen gezegd hebben dat je beter iets van je eigen fantasie kunt toelaten om er een écht hemels gerecht van te maken.

De instructie spreekt van 700 ml. water waarin je de rijst moet koken. Maar een stevige runderbouillon, een geurige kippenbouillon of een zelf getrokken groentebouillon maken het écht lekkerder. En wanneer je geen bouillon hebt, en dus afhankelijk bent van bouillonblokjes, ga dan eens te rade bij onze Poolse medelanders. In hun grutterswinkeltjes vind je bouillonblokken met paddenstoelensmaak, prima spul. Ellen opteert voor een extra scheutje witte wijn.

Over het vervolg zijn Ellen en de producent van het pakje het roerend eens: er moet goede boter door, en niet een klein beetje! De producent spreekt vervolgens van de toevoeging van enkele schilfers Parmezaanse kaas. Ellen is van mening dat er flink wat kaas door het gerecht mag worden gemengd, en ook met de schilfers hoef je niet te zuinig te zijn. Ik ben het volmondig met haar eens.

© paul

Reerugfilet met rodewijnsaus…

reerugfiletIk kreeg dit jaar voor mijn verjaardag een bijzonder cadeau. Nou ja, álle cadeau’s zijn natuurlijk bijzonder, maar dit was wat ongebruikelijker dan een boek of een fles wijn of bloemen. Van Toon en Anita kreeg ik een prachtig stuk reerug. Keurig gevliesd, gevaccumeerd en diepgevroren. “Gij wit daar wel weg mee”, sprak Anita. Mooi cadeau! Het stuk vlees ging nog even terug in de diepvries tot een mooie gelegenheid. Op zo’n mooie gelegenheid kan je wachten tot Sint Juttemis, mooie gelegenheden moet je zelf scheppen. Vandaag dus, vandaag vond ik echt een dag om een stuk reerug te braden , en misschien heb jij beste lezer ook nog iets aan dit recept zo vlak vóór de Kerstdagen. reerugfilet
Het stuk woog ongeveer 450 gram, ruim voldoende voor twee personen dus. Ik liet het vlees heel langzaam in de koelkast ontdooien en droogde het goed af. Daarna op kamertemperatuur laten komen. Geen vliesje of ongerechtigheidje te zien, dus klaar voor gebruik.

  • Een paar regels voor het rood tot rosé braden van een stuk reerugfilet:
  • verwarm de oven voor op 120 graden (hetelucht)
  • Neem een pan die net groot genoeg is. In een te grote pan gaat de boter naast het vlees verbranden.
  • Dep het vlees goed droog en wrijf het in met wat zout
  • Verhit een flinke klont boter en bak daarin het vlees aan alle kanten mooi bruin, prik er niet in, keer met een vleestang of twee lepels
  • breng het vlees over in een ovenschaal en laat het nu in de oven ongeveer 15 minuten nagaren.
  • je kunt als je op het vlees drukt voelen hoe gaar het is, hoe soepeler het voelt hoe roder, hoe stugger, hoe meer gaar
  • haal het vlees uit de oven en laat het onder alufolie zeker 10 minuten rusten.
  • maak intussen de saus af
  • maak een stamppotje van gaargekookte pastinaak en aardappel; een flinke klont boter en wat room toevoegen en grof stampen.
  • snijd de reerugfilet in mooie dikke plakken, kruid ze af met versgemalen peper en eventueel wat zout.
  • maak de voorverwarmde borden op met wat pastinaak/aardappelstamp, een struikje gekarameliseerde witlof en een paar stukjes van de filet. Schep er wat rodewijnsaus over en geniet!

Erbij stoofpeertjes in rode wijn gestoofd met wat suiker, kaneel, kruidnagel en steranijs.

Kopje espresso toe!

© ellen.