Welkom bij het Ministerie…

Featured

Een website over Eten, Drinken en Andere genoegens…                                          In 1999 schreef ik een jaar lang elke dag op wat we aten, dronken en alles wat daarmee te maken had.
Ik wilde zo voor mezelf het laatste jaar van de Twintigste Eeuw vastleggen. 
Dat bleek al snel een verslaving en na 1999 ging ik dan ook door met het schrijven van mijn kookdagboek. Stapels schriftjes schreef ik vol, tot ik in augustus 2005 de digitale mogelijkheden ontdekte van een website. Vanaf die tijd schrijf ik, samen met mijn partner Paul, op deze website over eten, drinken en andere genoegens.

De lange weg naar Santiago de Compostella, etappe 22…

Bourgondië

17-04-2014. De etappe liep van Vézannes naar Saint-Cyr-les-Colons, ??? kilometer.

We zaten, zoals meestal,  weer aan onze keukentafel met een stapel kaarten en een atlas, pen en papier, een IPad en een IPhone. (En een glas wijn en een borreltje…)

Waar zouden Ans en Jan deze dag op af stiefelen? Ik gokte op Chablis. Ellen evenwel was een andere mening toegedaan: pelgrims kiezen pragmatisch, die hebben helemaal geen tijd om jou culinaire hobby’s te bewandelen. Enfin, tot een weddenschap tussen mijn Wederhelft en ondergetekende kwam het niet, maar mijn hart sprong open toen dan een berichtje van Ans en Jan binnenkwam. Weliswaar was Chablis niet het einddoel van deze dag, daarvoor hadden de wandelaars de dag ervoor té veel kilometers gemaakt. Ze waren uiteindelijk té dicht in de buurt van Chablis beland, en de gewonnen kilometers en tijd niet benutten zou zonde zijn. Maar goed, ze trokken door Chablis en maakten er een afstap. En ze dronken er een Wereldwijn. Misschien wel de beste wijn die ze op hun Lange Tocht zouden tegenkomen. Over die Chabliswijn kom ik nog te vertellen, er kan niet genoeg over gezegd worden. Later lezer, later…

Het ontbijt werd gebruikt op het logeeradres in Vézannes  om vervolgens rond 07.30 uur het Pelgrimspad weer op te zoeken. De tocht ging langs wijngaarden, druivenstokken, wijngaarden en druivenstokken… En was toch niet saai, Ans en Jan genoten van het landschap.

Omdat de wandelaars Chablis al ruim voor het middaguur bereikten, was er tijd om het stadje te verkennen. Een mooi oud Bourgondisch stadje. En al wonen er maar een goede 2000 mensen, het was toch een Wereldwijnstad. Het centrum van het plaatsje zat volgepakt met wijncoöperaties, handelshuizen en kleine neringdoenden in de wijnbranche. En overal vloeide zachtgeel goud…

Om het wat aardser te houden: de Tourist Information had er Wifi, ook welkom! Verder waren er mogelijkheden te over om leeftocht aan te schaffen (brood, groente, conserven) en op het gemak een kop koffie te drinken op een terras.

Na het verlaten van het stadje kwamen de reizigers al snel op een zwaarder gedeelte van het traject. Er moest fors worden geklommen, de temperatuur liep op, het werd heet en nergens was schaduw te bekennen. Toen er ten leste een grote solitaire boom in zicht kwam was het besluit dan ook snel gemaakt. Dit werd de rust- en picknickplaats voor het komend uur. De wandelaars sopten op hun gemak het verse brood in de makreel in tomaten-basilicumsaus. Kauwden eerbiedig op de zachte kaas en namen als beloning nog een toetje toe. (Een toetje? Ja, een toetje…) Lui liggend in de schaduw van die oude boom

Om 16.00 uur kwamen de reizigers aan in Saint-Cyr-les-Colonnes. Het onderkomen voor de avond en de nacht bleek een ruimte te zijn waar 14 mensen konden worden ondergebracht. Nu verbleven er twee medepelgrims en twee dagloners die emplooi hadden gevonden in de wijnbouw. De dagloners bereidden een goed gevulde soep voor het gezelschap.

Bourgondië

Een van de dagloners vertelde dat hij 20 jaar geleden zijn Roemeense moedergrond had verlaten. Hij woonde sinds die tijd in Parijs en had nu een wijnbouwklus aangenomen voor de komende 2 weken.

En zo keuvelde het gezelschap de voornacht in. Met, wat dacht je, een goed glas Chablis…

© paul

Klik bij Catagories (in de rechter kolom), of onder dit artikel op reis naar Santiago voor alle artikelen. En voor het overzichtskaartje van Sas: klik op de link hieronder.

<iframe src=”https://mapsengine.google.com/map/embed?mid=zdjs6EO5tq8A.klZPafK3sUQo” width=”640″ height=”480″></iframe>

 

De gekopte paaskip…

paaskip 012

Ik zat aan de keukentafel garnaaltjes te pellen. Ze gingen dienst doen als eiwitrijke aanvulling op de salade van die avond. Ik had ze eigenlijk iets te lang laten liggen. De schokken waren zacht geworden, daarom pelden ze uitermate slecht. En dat kwam mijn humeur niet ten goede.

Vanuit de keukenkast stond ze me aan te grijnzen, of eigenlijk was het meer een verwijtende blik die ze me toewierp. Dit te overjarig chocoladen paaskuiken met die aanmatigende uitdrukking op haar facie. Ik had al meermaals gedreigd om haar te “koppen”, maar dat mocht niet.

Ellen had haar vorige week aangeschaft. De kip zou fungeren als onderwerp voor een nieuwe foto voor deze website. Haar voorkomen zou iets kunnen zeggen over het naderend Paasfeest. Het kwam er alleen even niet van om een plaatje te maken. Te druk, geen goed licht, geen zin…

Gisteren was ik het zat. Ik griste de kip uit de kast en verkocht haar een lel. Ze viel in brokken uit elkaar, maar veel helpen deed het uiteindelijk niet. Ellen schoot aardige plaatjes, dat wel. Maar toen ze de kop van het beest op mijn krantje met garnalenschokken zette was het alsof de verwijten gewoon doorgingen.

“Ja rot-kip, ik weet zelf heus wel dat ik die garnalen té lang in de koeling heb laten liggen, daar hoef jij me niet aan te herinneren…”

Na de foto-sessie heb ik de brokken chocolade samen met het Kind opgepeuzeld. Het was niet écht lekker.

Zojuist kocht ik voor een paar cent bij het Kruidvat drie paashaasjes. Ze zijn ook van chocolade, maar ze hebben een jasje van bedrukt zilverpapier aan. Ik heb ze in de kast gezet op de plaats van de kip. Het ziet er beroerd uit. De Bruinoogjes kijken net zo gemeen, nee gemener. Ze lachen me sardonisch toe. Die zijn geen lang leven beschoren, beslist niet…

© paul

* Dit is een bewerking van een artikel van 25 maart 2009.

De lange weg naar Santiago de Compostella, etappe 21…

image16-04-2014. De etappe liep van Eaux-Puiseaux via Flogny-la-Chapelle naar Vézannes, 32 kilometer.

We zaten tegenover elkaar aan de keukentafel, Ellen en ik. Er kwam plots een stroom van digitale berichtjes binnen, in willekeurige volgorde, de dagen vlogen door elkaar. We hebben er nog een aardig tijdje op zitten puzzelen voordat we alles in de juiste volgorde hadden. En of het nu helemaal klopt betwijfel ik. Maar dat hoor je over een paar maanden wel terug van Ans en Jan…

Een dag eerder moest er fors geklommen worden. Het ontlokte Jan de uitspraak: Santiago moet wel verrekkes hôg ligge… Maar deze dag glooide het landschap weer. Een afwisselende route ook, met koolzaadvelden, graslanden, gehuchtjes en bosgebied. Goede grond daar in Bougogne, maar wanneer het, zoals nu, een tijd niet regende werden de ongeplaveide paden, doortrokken met diepe karrensporen, zo hard als steen. Dat liep niet lekker…

Toch schoot het wel op met de tocht. Om 15.30 uur trokken Ans en Jan Flogny-la-Chapelle binnen. Alweer via een Burgemeester was slaapplaats geregeld. Er was een plaats besproken bij de lokale voetbalclub, de kleedkamer kon worden gebruikt. Een sober onderkomen, maar wél een dak boven het hoofd.

De Burgemeester bleek evenwel in geen velden of wegen te bekennen, het gemeentehuis was gesloten. Het plaatselijk winkelcentrumpje, waar normaal altijd wel iemand kon worden aangesproken, bood ook geen oplossing. Alles gesloten, woensdag was sluitingsdag voor de povere middenstand van Flogny-la-Chapelle.

Een Bar-Tabac had gelukkig z’n deuren niet op slot, daar kon worden gedronken en getelefoneerd. Ans en Jan probeerden een gite te bespreken in de nabije omgeving, want dat met die Burgemeester schoot niet op. Echter, alles in de buurt zat vol. Een van de stamgasten van de Tabac wist echter nog wel een logeerplaats . In Vézannes, een goede 12 kilometer verder.

En zo kon het gebeuren dat de pelgrims weer op pad gingen, het was 17.00 uur. Mondvoorraad werd ingeslagen bij de enige winkel die open was, een slager. Ze kochten er gevulde broodjes en een zak chips…

Het liep tegen 19.30 uur toen de reizigers aankwamen op hun nieuwe bestemming. Een mooie plek en minder vriendelijk volk. En dat in een dorpje dat sinds de Franse revolutie zijn inwonertal zag teruglopen van 245 naar 44 citoyens.

Enfin, een douche en een blikje pils, en een bed…

© paul

Klik bij Catagories (in de rechter kolom), of onder dit artikel op reis naar Santiago voor alle artikelen. En voor het overzichtskaartje van Sas: klik op de link hieronder.

<iframe src=”https://mapsengine.google.com/map/embed?mid=zdjs6EO5tq8A.klZPafK3sUQo” width=”640″ height=”480″></iframe>

Ei, ei… ideetje voor Pasen?

5 april 2007 012

Bij Pasen horen eieren, al eeuwen lang. Hoe dat komt?

De terugkeer van het licht in de vroege lente maakt dat de kippen weer eieren gaan leggen en dan bedoel ik wel gewone kippen! Die opgefokte, opgehokte legbatterijkippen leggen altijd, ze moeten wel, lampje erboven en klaar! Als de kippen in hun natuurlijke ritme mogen leven leggen ze tijdens de winter geen eieren, ze beginnen pas weer eieren te leggen als de dagen langer worden en er dus meer licht is. In vroeger tijden, toen de katholieken zich nog streng hielden aan de veertig dagen vasten vóór Pasen, aten ze in die vastenperiode ook geen eieren. De eieren werden opgespaard eventueel geconserveerd tot Pasen dan mocht men weer zoveel eieren eten als mogelijk was.

Als je niet alleen maar van die saaie hardgekookte eieren wilt eten staan er in de categorie eieren vast wel een aantal bruikbare ideeën om de Paastafel op te vrolijken. Neem bijvoorbeeld deze gefrituurde eieren, heel smakelijk en echt eens iets anders.  De eieren in rode wijnsaus beschreef ik deze week al, maar ook een klassiek gepocheerd ei met gerookte zalm is heerlijk bij de Paasbrunch. Of, voor wie chagrijnig van de meubelboulevard thuiskomt, een lekkere kom pittige knoflooksoep met een ei, daar wordt je weer helemaal vrolijk van. En wil je de eieren eens heel origineel verven dan is dit misschien een leuke tip.

  • Gefrituurde eieren:
  • 1 ei per persoon
  • room
  • bloem
  • 1 losgeklopt ei gekruid met peper, zout en wat nootmuskaat
  • paneermeel
  • een frituurpan met olie.

Kook de eieren 3 minuten, ze moeten nog zacht zijn. Laat ze even schrikken en pel ze heel voorzichtig.
Wentel ze eerst door de room,  dan door de bloem,  vervolgens door het losgeklopte ei en tenslotte door het paneermeel. Bak ze dan meteen in de hete olie tot ze rondom bruin zijn.

Laat het ei even op keukenpapier uitlekken en serveer het ei dan op een salade. Snijd vlák voor het opdienen het ei door zodat de nog vloeibare binnenkant mooi te zien is.

En toe, een kopje espresso met een paaseitje!

© ellen.

De lange weg naar Santiago de Compostella, intermezzo…

huis van de burgemeester

Ik kon in de beschrijving van etappe 20 slechts heel kort zijn wat betreft steekhoudende informatie over het doen en laten van Ans en Jan. Intussen heb ik een boel berichtjes van ze binnen gekregen. Dingen die vermeld zouden moeten worden en voor een deel terugslaan op voorgaande dagen, zaken waar Ans en Jan belang aan hechten.  Het is evenwel bezwaarlijk om nu nog in “oude” artikelen te gaan peuteren en voorbije stukjes aan te vullen. Dan raakt op den duur iedereen de weg kwijt, ikzelf ook. Ik besloot om een intermezzo in te lassen, het zal nog wel vaker gebeuren. Zodoende hoef je toch niks te missen.

Dat groene vakwerkhuis behoorde aan het gastgezin in Troyes. Wat een voorrecht om in zo’n monument te mogen logeren. Al helemaal wanneer je in ogenschouw neemt dat het volkje er zeldzaam gastvrij was. Er werd gekookt door de vrouw des huizes, Ans en Jan werden aan tafel genood en er kwam nog een schoonzus (nieuwsgierig?) meeëten. Het gastgezin in Troyes kende de Burgemeester van Eaux-Puiseaux persoonlijk. Ze regelden voor Ans en Jan telefonisch een onderkomen bij hem thuis.

Bij aankomst in Eux-Puiseaux zochten de wandelaar de Burgemeester op in de Mairie, het gemeentehuis. De Burgervader had er echter voorlopig werk te doen en de Burgemeestersvrouw was nog niet thuis, zodat de wandelaars op een rustplaats in het dorp waren aangewezen.. Een winkel was het dorpje niet rijk en het enige terras, behorend bij een kleine herberg, gaf gesloten. Het zou pas weer open gaan tegen etenstijd, althans dat hoopten de pelgrims. Er moest nog leeftocht worden ingeslagen voor de mars van de volgende dag. Restte de wandelaars dan voorlopig slechts de rustplaats die al van vóór de middeleeuwen door duizenden pelgrims werd benut, de kant van de wegpfft pauze

De eerste contacten met de Burgemeester van Eaux-Puiseaux verliepen wat stroef, de man kwam gereserveerd en terughoudend over. Zijn vrouw evenwel toonde zich oprecht gastvrouw en bereidde een eenvoudige, smakelijke en voedzame maaltijd voor vier personen. De gezamelijke maaltijd bracht de tafelgenoten dichter bij elkaar. De Burgemeester bood de wandelaars een inkijkje in het reilen en zeilen van lokale plolitiek op het Franse platteland. Ook in een kleine gemeenschap als Eaux-Puiseaux is de crisis voelbaar. Misschien moet je zeggen juist in een kleine gemeenschap…

Het dorpje had tegenwoordig een goede 250 inwoners. De overheid wilde al jaren af van dit soort kleine zelfstandige bestuurseenheden, maar de bevolking was er nog lang niet aan toe. Dus had een dorpje als Eaux-Puiseaux een zelfstandige gemeenteraad, bestaande uit 11 personen. De Burgemeester was, ondanks zijn 75 jaren, onlangs weer voor 6 jaar herkozen. Hij had het druk met het besturen van het dorp, welks in de praktijk in z’n geheel op hém neerkwam. Gelukkig kon hij dan tegenwoordig gebruik maken van een part-time secretaresse. Een salaris zat er niet in voor hem, bij dit soort dorpjes werd de Burgemeester beloond middels een onkostenvergoeding. Het was een sober bestaan, maar dat gold eigenlijk voor alle inwoners van het dorpje. En zo vorderde de avond en werd de Burgemeester allengs opener in het gesprek.

En ook nu voelde de geboden gastvrijheid als een warm bad. Ans en Jan moesten de volgende ochtend nog even langs het gemeentehuis, de stempel moest nog in het pelgrimspaspoort worden geslagen. De Burgemeester wilde daar evenwel niks van weten. Hij ging zelf wel snel naar het gemeentehuis om stempel en stempelkussen op te halen. Konden de gasten iets langer blijven zitten aan hun kom café-au-lait. De stempelceremonie zou dan even later aan de keukentafel worden afgehandeld.

© paul

Klik bij Catagories (in de rechter kolom), of onder dit artikel op reis naar Santiago voor alle artikelen. En voor het overzichtskaartje van Sas: klik op de link hieronder.

<iframe src=”https://mapsengine.google.com/map/embed?mid=zdjs6EO5tq8A.klZPafK3sUQo” width=”640″ height=”480″></iframe>

 

 

Gepekelde kip, etappe drie: Salade met gepekelde kip en wat er verder over is…

salade met kip

Die gepekelde kip was natuurlijk veel te veel voor ons tweetjes. Wij aten de billetjes en de rest bleef over. Nou vinden wij dat nooit erg, we zijn allebei gek op kip en de resten komen altijd wel op. Etappe twee van de kip waren de vleugeltjes,  ( bij zo’n Zwarte Hoevekip kan je gerust spreken van vleugels) die at ik gisteren bij de lunch. Lekker vers brood erbij en wat zelfgemaakte mayonaise. Ook van die mayonaise bleef wat over…

Etappe drie van de gepekelde kip:

Vandaag plukte Paul de rest van de kip in stukjes. Hond Jaros kreeg zijn deel (velletjes, drelletjes en de stukjes kraakbeen). Ik schilde en kookte de laatste Ratten van de Jongste Bediende en sneed ze in stukjes. Een restje diepvriesdoperwtjes, even gegaard, een paar tomaatjes, een hardgekookt eitje, een rode ui in flinterdunne plakjes, wat bloedzuring, een paar zwarte olijven… Nou ja, restverwerking… Mooi met Pasen, kan je zo prima ook de rest van die hardgekookte eieren in verwerken…

Dressing erover van wat olijfolie, lepeltje mosterd, scheutje wijnazijn, peper en zout.

Mooi knapperig brood erbij en een kopje espresso toe!

© ellen.

Pasen: Kip of Ei, vandaag Gepekelde Kip

gepekelde kip

Onze website was vandaag voor ons even niet werkbaar en er was ook even geen nieuws van de Wandelaars, vandaar! Paul zal vannacht proberen de verdere etappes van de wandelaars te beschrijven. Nog even geduld dus beste lezers. Voor de problemen met de website heb ik goeie hulp aangeroepen en dat lijkt te helpen. Alvast dank Dominique!

Goed, trubbels genoeg, daar zou het hier niet over gaan. Ik zou een paar mooie, smakelijke ideeën voor de Pasen willen geven. Gisteren het recept voor de bijzondere Bourgondische eieren,  vandaag, na die eieren dan maar de kip!

Je kunt een kip grillen, pocheren, braden of stoven… nou ja, alles kan met een kip, míts je een fatsoenlijke kip koopt. Niet goedkoop, een biologische kip of Label Rouge kip, maar voor de Paasdagen mag het best een ietsjemeer zijn toch? In dit recept wordt de kip gepekeld. Het verbeterd de smaak en de kip lijkt er sappiger, malser van te worden. Niet moeilijk, gewoon doen! Wij vonden het resultaat werkelijk heerlijk!

Wij hadden, luxe probleem, plaats nodig in de diepvries, en ik bedacht gisteren dat dan die Zwarte Hoevekip maar gegeten moest worden. Misschien een mooi recept voor de website, voor de Paasdagen. Gewoon grillen of stoven was geen optie. Daarvan staan al zo veel recepten op deze site. Pekelen dus. Het lijkt veel zout maar daar proef je niets van terug, sterker nog, het vlees kon na de bereiding best nog een tikkeltje zout uit de molen verdragen…

Ik volgde zo ongeveer het recept van Sylvia Witteman, gepubliceerd in de Volkskrant en later in haar boek “Koken met Sylvia Witteman; een beginselverklaring”. En zo is het maar net: een beginselverklaring… Beetje meer.., iets andere kip.., beetje minder.., wijn of Marsala… Goed in beginsel…
gepekelde kip
Voor vier of zes personen

  • Een mooie, fatsoenlijke kip van ongeveer 1500 gram
  • 1 citroen in schijven
  • 2 takjes rozemarijn
  • 4 teentjes knoflook, geplet
  • 50 gram boter
  • 125 gram grof zeezout
  • 2 liter koud water
  • wat witte wijn

Los het zout op in het water. Leg een plastic zak in een pan of kom en leg daar de citroen, knoflook, rozemarijn en de kip in. Overgiet de kip met het gezouten water en pers de lucht uit de plasticzak. Bind de zak stevig dicht. Laat de kip zo 4 uur pekelen. Neem de kip uit de pekel, spoel hem goed af en dep hem droog.  Stop de citroenschijven, knoflook en rozemarijn in de kip en voeg er een flinke klont boter bij. Leg de kip met de rugzijde naar boven in een braadslede op een rooster. Kwast wat zachte boter over de rugzijde. Giet een laagje water in de braadslede. Zorg dat de oven voorverwarmt is op 220 graden en braad de kip 30 minuten. Verlaag dan de temperatuur tot 180 graden en braad de kip nog 30 minuten (afhankelijk van gewicht en soort kip, ongeveer dus). Draai dan de kip met de borstkant naar boven, kwast wat boter over de borst en braad nog ongeveer 30 minuten. (tot de kerntemperatuur in de dijen 80 graden is, dan is de kip goed).

Haal de kip uit de oven en laat zeker 10 minuten rusten onder wat alufolie. Maak intussen de saus af; Giet wat witte wijn bij de jus in de braadslede, roer de aanbaksels goed los en laat even inkoken. Een goddelijke saus!

Geef er kleine aardappeltjes bij met verse peterselie en een groene salade.

Kopje espresso toe!

© ellen.

 

De lange weg naar Santiago de Compostella, etappe 20…

verblijf Pelgrims
15-04-2014. De etappe liep van Troyes naar Eaux-Puiseaux, 31 kilometer.

Informatie van en over de pelgrims komt mondjesmaat en op de vreemdste tijden binnen. En soms ontbreekt het helemaal aan nieuws. Dat is op zich niet erg. Het is aan Ans en Jan om uit te maken wanneer zij het tijd achten om weer iets van zich te laten horen. Wel betekent het dat mijn stukjes steeds onregelmatiger verschijnen. Heb erbarmen lezer, heb geduld…

Om 07.30 uur verlieten Ans en Jan het gastgezin in Troyes. Ze liepen vervolgens een tocht van 31kilometer en kwamen om 16.00 uur aan in Eaux-Puiseaux. Ze vonden er onderkomen voor de nacht bij de Burgervader van het dorpje. Alles okee schrijft Ans.

Meer informatie bereikte ons niet. Behalve dan die foto hierboven. Een spartaans ingericht kamertje, maar mét een deurmat, mét een stoel, mét een leeslamp. En bovenal: met een bed en beddengoed. Wat wil de pelgrim nog meer? (Ja, een stevige maaltijd natuurlijk…)

Bekijk ik de route van deze dag op mijn oude, maar zeer gedetailleerde Michelinkaart dan zie ik dat de tocht in ieder geval behoorlijk geaccidenteerd was. Lees ik het juist dan moest er een goede honderdtachtig meter hoogteverschil overbrugd worden. Eerst dat stuk omhoog (daar wordt je moe van…) dan weer naar beneden (slecht voor je knieën…) Wat een gedoe hè.

Ik heb de route van Ans en Jan slechts vaag in mijn hoofd. Het blijft een verrassing voor me waar ze de volgende dag weer zullen uitkomen. Ik vind dat wel pettig. Ik behoud zo de nodige afstand en kan nu en dan mijn fantasie de vrije loop laten. Ik mag, met een blik op de kaart, graag een gokje wagen op het volgende doel, ik zit er meestal naast.

Het zijn steeds oneigelijke argumenten die ik gebruik bij het in gedachten uitzetten van de pelgrimstocht. Dat eerder dan mijn geografische onkunde. Zo was ik er deze dag van overtuigd dat wandelaars naar Chaource zouden lopen, dat stadje waar één van onze favoriete kazen wordt geproduceerd. En een paar dagen eerder zag ik op de kaart dat de reizigers hemelsbreed slechts een dagmars af waren van Meaux en zusterstad Melun. Daar waar de enige échte Brie wordt gemaakt. Hadden ze nu niet even… (Wie loopt er nou om voor kaas? Ik!) En eerder op de reis zag ik de wandelaars in mijn gedachten regelrecht naar Chimay lopen, dat kloosterdorp met zijn Brouwpaters. Ze deden het echter niet, ze kozen een zuidelijker pad.

Zou ik naar Santiago de Compostella lopen, het zou een culinaire reis worden. Ik zou waarschijnlijk nooit aankomen…

© paul

Klik bij Catagories (in de rechter kolom), of onder dit artikel op reis naar Santiago voor alle artikelen. En voor het overzichtskaartje van Sas: klik op de link hieronder.

<iframe src=”https://mapsengine.google.com/map/embed?mid=zdjs6EO5tq8A.klZPafK3sUQo” width=”640″ height=”480″></iframe>

 

La Vache qui rit…

la vache qui rit

Tegen het einde van de zestiger jaren van de vorige eeuw kwam ik voor het eerst in aanraking met Franse en Franstalige striptijdschriften. En hoewel Kuifje en Robbedoes als weekblad gewoon verschenen in het Nederlands, vond ik ze als de Franstalige uitgaven Tintin en Spirou zoveel aantrekkelijker, zoveel exotischer. Mijn ULO-frans volstond beslist niet om de volle inhoud van de tekst te ontcijferen, maar dat mocht de pret niet drukken. Ik kon af en toe enkele exemplaren aanschaffen. Niet opeenvolgend, ik had maar af te wachten wanneer er zich weer een kansje voordeed om wat losse nummers te scoren. Ik vond het best. Het meest verzot was ik op het blad Pilote. De verhalen daarin leken zoveel meer volwassen. Het waren de verhalen die mondjesmaat ook verschenen in het Nederlandse stripblad Pep.

Het moet in Pilote zijn geweest dat ik voor het eerst kennis maakte met La Vache qui rit. Helemaal in stripstijl gepresenteerd. Ik stelde me er iets waanzinnig lekkers bij voor.

Ik kende wel van die kaasblokjes uit het kerstpakket van mijn vader, en ook op feestjes verschenen ze steeds vaker als voorzichtige borrelsnack. Maar dat waren hele gewone dingen. Ze heetten Gouda of ERU (bestond dat eigenlijk al?). Maar die konden het toch nooit halen bij die Lachende Koe, dat wist ik zeker.

Het probleem was evenwel dat ik die Franse kaasjes nooit tegenkwam. Ze waren in ons dorp niet te krijgen, en of ik er nu zo heel veel moeite voor heb gedaan om ze van elders te betrekken betwijfel ik. Het was veel meer een mooie gedachte dat er iets verschrikkelijk lekkers bestond, dat alleen ik kende. Welliswaar niet van smaak, maar toch van naam. Mijn dorpsgenoten lazen geen Pilote! Wisten zij veel… (Wist ik veel?!)

Het heeft nog jaren geduurd voordat ik La Vache qui rit voor het eerst proefde. En dat de blokjes nu zoveel beter smaakten dan het Nederlandse equivalent durf ik niet te beweren. Maar de betovering bleef. Kwestie van een overdosis nostalgie. Ik heb daarna alle kaaspuntjes afgezworen. Ik bezondig me alleen nog aan die Lachende Koeien.

De kaas is ontwikkeld in de Comté, zo rond 1921. Het was de eerste echte smeerkaas ooit! De illustratie op het van oorsprong spanen doosje is van Benjamin Rabier en stamt uit 1922. Intussen wordt de kaas over de hele wereld geproduceerd. En in allerlei vormen. Maar die romige puntjes blijven voor mij toch de enige echte, vooral die met ham.

We hebben ze tegenwoordig nog zelden in huis, die kaasjes. Ik kan er namelijk niet afblijven en het gevaar dat ik me eraan vergrijp en me overeet is niet denkbeeldig. Gelukkig ontdekten de Kids van Eupotours de romige driehoekjes. Ik ga dan maar bij hen op bezoek en laat me mondjesmaat verwennen.

© paul

De Lange weg naar Santiago de Compostella, etappe 19…

op weg naar Troyes

14-04-2014. De etappe liep van Méry-sur-Seine naar Troyes, ??? kilometer.

Het was een koude nacht. Waar die werd doorgebracht is niet duidelijk, maar de organisatie van het verblijf zal ongetwijfeld in handen van Ties en Puk hebben gelegen. Gezamelijk werd het ontbijt genoten en vervolgens brachten Ties en Puk de wandelaars naar de Camino de Santiago, de Pelgrimsweg en reisden weer af naar Nederland. Ans en Jan gingen dan opweg naar Troyes.op weg naaer Troyes

De tocht volgde voor een groot deel de loop van het Canal de la Haute-Seine. Lange rechte wegen, dus al met al wel een beetje saai. De reizigers hadden dan ook alle tijd om te mijmeren over hoe of het zat met dat kanaal. Té vies om in te zwemmen, té ondiep voor pleziervaart, laat staan voor het vrachtvervoer. De bruggen leken er ook te laag voor. Uiteindelijk kwamen de wandelaars tot de conclusie dat het een afwateringskanaal moest zijn. En dat laatse klopte ook wel. Het kanaal reguleert mede de waterstand in dat deel van de Seine. Maar toen de plannen voor de bouw van het kanaal werden gemaakt, zo rond 1805, onder Napoleon Bonaparte, rekende men wel degelijk op een commerciële toekomst voor het kanaal. En ook verderop in de 19e eeuw is het kanaal nog een paar keer van belang geweest bij de industriële ontwikkeling van de streek. De boten waren in die tijd veel kleiner, er kon wel degelijk gevaren worden.op weg naaer TroyesEnfin, zo buurtend geraakten de reizigers dan in die mooie stad Troyes. Hun eerste gang was die naar de Petrus en Paulus kathedraal. De kerk werd met plezier bezichtigd, maar zeker zo belangrijk was dat daar ook de Tampon gehaald kon worden. En bedoeld wordt dan niet dat instrument tegen vrouwelijk ongemak, en ook niet het schildersgereedschap van Toon Geerts. Tampon staat voor stempel…

Een bijkomend voordeel van het bezoeken van dit soort Pelgrimspleisterplaatsen is dat je gelijkgestemde zielen tegenkomt, of dan toch in ieder geval volk dat zijn belangen met jou deelt: waar te eten, waar te slapen, welk te pad nemen enzovoorts. Ans en Jan ontmoetten gasten uit Veghel (NBr.). Op een terras aan de kathedraal werd samen wat gedronken en men wisselde gegevens uit. Maar erg veel tijd was er niet, het gastgezin moest worden opgezocht. De reservering voor de slaapplaats werd al in de ochtend telefonisch gedaan. Bij mensen thuis, en weer geheel en al gratis. Erg gastvrij was het volk en luxe bleek het onderkomen. Later op de avond gingen de wandelaars dan uit eten met hun gastgezin.

Ans en Jan waren erg onder de indruk van de oude binnenstad van Troyes. Ze moesten er nog een en ander over kwijt, dus ik herhaal hun schrijfsels hier maar. Zoals je op de kopfoto kunt zien, staan er in de stad nog volop vakwerkhuizen. Dat is een gevolg van het feit dat ergens in de 16e eeuw een verwoestende stadsbrand nagenoeg het hele centrum in as legde. Daarbij verdwenen alle houten middeleeuwse huizen uit het centrum. Ervoor in de plaats kwamen de beter geconstrueerde bouwwerken uit de late renaissance en vroege barok. Op een of andere manier weerstonden deze huizen de tand des tijds. Fransen zijn er ferm trots op ook. Nog in 1995 werd een deel van de bouwwerken in Troyes in één groot project gerestaureerd. Een bezoek aan de stad is meer dan de moeite waard schrijven de wandelaars.  Een open deurtje misschien, maar de porté is duidelijk…

(Nu ik, uren later, nog eens naar die foto’s van de wandelaars kijk… Het lijken wel Jut en Jul. Ieder aan één kant van het kanaal, rommelend met landkaarten, druk delibrerend over welke oever de goede is. Terwijl ze toch alleen maar vooruit hoeven te lopen…)

© paul

Klik bij Catagories (in de rechter kolom), of onder dit artikel op reis naar Santiago voor alle artikelen en voor het overzichtskaartje volg deze link

<iframe src=”https://mapsengine.google.com/map/embed?mid=zdjs6EO5tq8A.klZPafK3sUQo” width=”640″ height=”480″></iframe>