En espresso en een taartje toe…

Ellen zit op Facebook (zo zeg je dat geloof ik). Ik heb er helemaal niks mee, maar zij wel. Gisteren schreef ze daar: Ik vier mijn verjaardag op een Geheime Locatie. Het duurde slechts even voordat de eerste reacties aankwamen en ik dacht nog: Oh oh, daar gaan we. Het dorpje S. heeft maar driehonderd inwoners. Ze zijn daar helemaal niet voorbereid op tweeduizend hooligans uit Nederland. Uiteindelijk was er natuurlijk niks loos. We hebben helemaal niemand gezien. Letterlijk helemaal niemand. En we vonden het best zo…

Het leek me gepast om Ellen te inviteren op een etentje buitenshuis. En  ja, zij was jarig, zij mocht kiezen. Ze koos ervoor om zelf te koken. Haar favoriete vlees, gemarineerde lamskabonaatjes. Erbij deftige aardappelpuree met knoflook en olijfolie en gestoofde boontjes. Besproeid met een Italiaanse wijn van middelbare leeftijd uit de Marche. De keuze had niet beter kunnen uitvallen. Het lam zwolg in de wijn, die dan ook nog eens tuk bleek te zijn op versgemalen peper. Een moordcombinatie.

Toetjes in de traditionele zin gebruiken wij nooit. Meestal sluiten we af met een klein stukje kaas. En natuurlijk espresso toe. Gisteren kwam daar een stukje chocoladetaart bij. En een glaasje oude Bas-Armagnac. Zo zacht als fluweel…

Deze week is voor ons een feestweek. Naast Ellens verjaardag hebben we nóg een en ander te vieren. We hebben besloten dat samen te doen, getweeën. We zullen de vrouwen van Cranach gaan bekijken, we bezoeken een slakkenfarm. Er staat nog Moderne Kunst op het programma en een of twee stedentrips. We sluiten de week af met een maaltijd in een goed restaurant. Zo zit dat!

Voor vandaag houden we het voor gezien. Op de stoof staat een Elzasser zuurkoolschotel te pruttelen. De kaarsjes branden voor het raam. Nog even en de kachel gaat aan. We lezen een boek en misschien kijken we nog een film. We spreken jullie morgen wel weer.

Ellens verjaardag…

ELLEN'SKAART

Ellens verjaardag stond dit jaar nog meer in het teken van eten en drinken dan andere jaren. Voor haar gasten maakte ze een Vlaamse stoofpot. Erbij Dutchmans-coleslaw en goed Turks brood. Druiven en meloen toe. Dat alles besproeid met rode wijn uit Calabrië en witte uit de Loirestreek, port uit Porto en bier uit Lieshout en Jupille.

De cadeaux voor de jarige waren van botanische, literaire en culinaire aard. Dat is elk jaar zo. Beslist geen zwaktebod van de gulle gevers, men weet waarmee men de jarige kan plezieren. Een keur aan wijnen, eeuwenoude spiritualiën, saffraan uit de Mediterranee, een imago van de inmiddels slachtrijpe kalkoen, wereldliteratuur in vier banden, een najaarsbouquet uit de Handelse pluktuin. Tsja…

Neel is al jaren onze steun en toeverlaat, daar waar het gaat over het verbeelden van bijzondere gebeurtenissen in onze kring. De menukaarten voor onze Kerstdiners, de geboorte van een mensje, het jubileum van de veertig-, vijftig- of zestigjarigen. Neel levert een kaart. (Het is haar vak, ze kan het goed, ze doet het graag…)

Voor Ellens verjaardag schaften Neel en Evert een Ardens worstje aan. In Bastogne (Bastenaken). Onvervalst Ardens wildzwijnvlees. De mevrouw op de foto maakt de worsten zelf, en ze is er trots op. Ze hebben de vorm van een varkentje, die worstjes; een zwijntje. Neel vroeg de worstmevrouw of ze wilde poseren, en natuurlijk wilde ze dat. (Neel fotografeerde al eerder alle frietkotten tussen Arlon en Bastenaken en vroeg de uitbaters  te poseren voor hun bedoening. Ze deden allemaal mee. Het leverde een prachtige reportage op…)

Enfin…, die mevrouw van de worstjes; het Ministerie bezocht ook al eens haar bedoening. Wij kochten er toen bloedworstjes. Topkwaliteit! Dat worstje van Neel en Evert (and the kids) bewaren we nog even. Maar dat het uitzonderlijk is zul je op deze site kunnen lezen. Zoveel voorschot nemen we blind.

De foto; © Neel van Eupen

 

Het Café van Meester Jan…

Het begon er ooit mee dat Vriend Jan te pas en te onpas werd gevraagd om mededelingen te doen over zijn gezondheid, welzijn en welbevinden. Kwestie van ziek zijn en herstellende. Hij kreeg daar uiteindelijk genoeg van, het kostte hem ook veel te veel tijd. Hij bedacht een in mijn ogen sympathieke oplossing. Elke vrijdagmiddag nodigde Jan eenieder uit om vanaf een uur of vier bij hem thuis te komen. Onder genot van een goed glas bier (of wijn, of andere spiritualiën) vertelde hij dan aan de belangstellenden hoe de voorgaande week was verlopen en hoe Jan weer boven Jan raakte.

Intussen blaakt Vriend Jan alweer jaren van gezondheid, maar de toon is gezet, een traditie is geboren. En sindsdien bezoekt een wisselend aantal gasten de huiskamer van Ans en Jan, elke vrijdagmiddag weer. Zonder aanzien van rang, stand of kleur. Soms zijn het er tien, dan weer het veelvoud daarvan. Natuurlijk vind je er Loes-Gijs-Bert en hun geliefden. Ook de Jongste Bediende is er altijd, Marleen soms. Ook Ellen vind je er, en Terry, Bert, Jos, Peer, Hans, Lambèr en Althea. Soms Floortje, en ook Tijmen, Andere Jan, Alex en Ans, Karen, Hendrikje en Andy. En verder een keur aan volk, onregelmatige bezoekers, een doorsnee van de inhoud van ons dorpje. Het samenzijn heeft ook een naam: Het Café van Meester Jan. Enfin, je snapt de portee…

Klokke half zes staat Vriend Jan op en begeeft zich naar de keuken. Er worden frikandellen speciaal gebakken voor elke gast en er komen schalen kleine frietjes op tafel. De pelpinda’s zijn dan intussen op.

Ik bezoek het Café eens in de veertien dagen, de andere vrijdagen werk ik. Wel heb ik het privilege om dan een uur eerder welkom te zijn. En dat uur tussen mijn arrivé en de komst van de andere gasten wordt benut door onze bierproeverijen te houden. Aangename en nuttige uren, ik verzeker het je. De neerslag van onze bevindingen vind je regelmatig terug op deze site.

Gisteren was er bij hoge uitzondering geen Café. Ans en Vriend Jan hadden iets belangrijks buitenshuis. Het moet werkelijk belangrijk zijn geweest want er is nauwelijks een reden te bedenken waarom Jan het Café gesloten houdt. Ik voelde me een beetje onthand, juist nu ik een extra vrije vrijdag had. En ik was dan ook nog eens door mijn speciaalbieren heen. Armoe troef…

Ik haalde Ellen op van haar werk en in zeven haasten schafte ik me een paar flessen Orval aan en wat van dat Schotse bier van Belgische oorsprong. (Gordon’s  is een geweldig bier, ik schrijf er nog over..) Ik bereidde me voor op een rustige, wat stille afsluiting van deze vrijdag, de eerste dag van een tiendaagse vakantie. Ik schonk me een eerste glas in en zette me achter de computer om dit stukje te schrijven. En op dat eigenste moment ging de bel. Marleen en de Jongste Bediende voelden zich ook ontheemd. En even later Bert, de Keijzer van Monera, Het Kind en, en, en… Nou ja, werd het toch weer Thuiscafé. Ik noemde het voor het gemak maar Café van Juffrouw Ellen. Het stukje voor de site moest wachten tot vandaag.

© paul

 

 

Schoteltje van broccoli en kabeljauw…

Dat de Jongste Bediende een groot liefhebber is van schaal- en schelpdieren was je al bekend. Voor een maaltje zeefruit kun je hem zelfs bij nacht en ontij wekken. Wij mogen de Jongste Bediende dan ook graag aan onze dis noden wanneer er weer eens mosselen op het menu staan. 

Bij Marleen ligt dat anders. Zij is helemaal niet geporteerd van het schelpenspul, zij belieft het niet. Maar aangezien Marleen en de Jongste Bediende doorgaans tesamen het Ministerie bezoeken verzinnen we wel iets anders voor Marleen.

Onderstaand recept levert zo’n alternatief gerecht op. Het is geschreven voor één persoon, maar je kunt het naar believen uitbreiden voor meerdere mensen door de hoeveelheden te vergroten.

  • 1 stronk broccoli,
  • 1 mootje visfilet naar keuze (hier kabeljauw),
  • 1 eetlepel crème fraiche,
  • vers geraspte nootmuskaat,
  • chilivlokken,
  • boter,
  • peper en zout.

Snijd de broccoli. Kook de groente in gezouten water (de stronkjes moeten iets langer dan de roosjes) en pureer de gekookte groente samen met de crème fraiche tot een mooie smeuïge puree. Voeg wat vers geraspte nootmuskaat toe en eventueel peper en zout. Stort de groente in een vuurvaste schaal en druk de rauwe vis er middenin. Druppel wat gesmolten boter over de groente en leg wat klontjes boter op de vis. Besprenkel de schotel met wat chilivlokken. Schuif de schaal in een op 200 graden voorverwarmde oven en laat de vis in ruim 15 minuten garen.

Het gaat snel, en het kan nauwelijks simpeler. En of het smaakt, vraag dat maar aan Marleen…

 

 

De snijbonen van Marleens moeder.

Ik hoor een hoop gemonkel vanaf de Witte Brug. Marleen en de Jongste Bediende krijgen het voor de kiezen dit jaar. Een mislukte aardappeloogst en tegenvallende opbrengst van de ajuinen. De zonnebloemen worden ontpit door het gevogelte des velds en de perelaar draagt slechts drie vruchten. Kommer en kwel zou je denken.

In een belendend perceel, palend aan de hof van onze vrienden verloopt de oogst iets anders. Ook daar is niet alles naar wens, maar er komen toch met regelmaat schone zaken van het veld. En zo kan het gebeuren dat we zo nu en dan verrast worden met verse onbespoten groenten van allerhande soort.

Neem nu die snijboontjes. Niet te dik, niet te grof, en kakelvers. Zelf snijden is het credo. Met het molentje. De geur die dan in je neus kringelt is met niets te vergelijken. De sensatie is overweldigend, zoiets als door een vers gemaaid hooiveldje lopen. Je krijgt er geen genoeg van.

Snijden en meteen in de pan. Beetgaar koken, paar klonten boter erover en je heb Haute Cuisine. Ellen maakte er gehaktballen bij en aardappelpuree. Voor mij mocht het een vleesloze maaltijd zijn. Ik had genoeg aan die snijbonen…

 

Waaiervormige aubergines…

Je hebt groenten en je hebt groentenvruchten. En ze zijn allemaal te koken. Maak je ze echter in de oven klaar, of bak je ze in een pannetje, dan zijn er wezenlijke verschillen. Bij groenten voeg je vocht toe omdat ze anders uitdrogen of verbranden. Bij groentenvruchten (aubergine, tomaat, cougette, paprika) is dat in veel gevallen niet nodig. Die bevatten voldoende vocht van zichzelf.

Het volgende recept maakt gebruik van het vocht van verschillende groentenvruchten. Door de bereiding voegen de aroma’s zich tot één mooi geheel.

  • 2 aubergines,
  • tomaten naar behoefte,
  • 2 flinke uien,
  • 3 teentjes knoflook,
  • 1 blikje artisjokkenhartjes,
  • olijven naar behoefte,
  • 2 blaadjes laurier,
  • 3 takjes tijn,
  • 1 takje rozemarijn,
  • olijfolie,
  • peper en zout.

Halveer de aubergines in de lengte en snijd vervolgens tot twee centimeter van de onderkant dunne reepjes zodat een waaier ontstaat. Snijd de tomaten in dunne plakjes die tussen de reepjes aubergine passen. Steek de plakjes tomaat in de waaier.

Snijd de uien in ringen en hak de knoflook grof. Bedek de bodem van een ovenschaal met een filmlaagje olijfolie. Strooi hierop de helft van de uien en knoflook. Schik op de uien de auberginewaaiers, maar zodanig dat ze zo strak mogelijk tegen elkaar liggen. Vul de open ruimtes op met de stukjes artsjok en de olijven. Hak de blaadjes van de tijm en de rozemarijn fijn en strooi over het gerecht. Dek de aubergines af met de rest van de ui en knoflook. Besprenkel het gerecht gul met olijfolie. Een flinke zwieper met de peper- en zoutmolen en je gerecht is ovenklaar.

Verwarm de oven op 230 graden. Dek de ovenschaal af met aluminiumfolie en plaats die in de oven. Na 10 minuten stel je de temperatuur in op 180 graden. Laat het gerecht nu nog één uur in de oven garen. Kontroleer aan het eind van de gaartijd of de aubergines klaar zijn door met een scherp mes in het dikke gedeelte van de waaiers te prikken. Zakt het mes er gemakkelijk in dan is je schotel klaar. Zoniet, verleng dan de oventijd met een paar minuten.

  • Enige opmerkingen:
  • In principe gebruik je per tafelgast één auberginewaaier. Maak je er meer dan is dat geen enkel probleem. Koud smaken de aubergines zeker zo goed. Je kunt ze dus ook best in voren maken.
  • De waaiers dienen stevig tegen elkaar te liggen. De snijvlakken worden zo slechts indirect aan de ovenhitte bloot gesteld. Je hebt dan het voordeel dat de vruchten weinig vocht verliezen en ook zullen de verschillende smaken en aroma’s zich vermengen tot iets geheel nieuws.
  • In de receptuur zie je wat ik gebruikte als smaakmakers en toevoeging, maar het kan in feite alle kanten op. Gebruik als opvullers knolvenkel, selderiestengels, champignons of wat je verder bedenkt. Ook met de kruiderij valt volop te variëren.
  • Je kunt het gerecht ook maken met courgettes. Je gaat op dezelfde manier te werk. Na de tien minuten op 230 graden breng je de gaartijd op 180 graden terug tot een half uur. Je kunt voor alle zekerheid een scheut witte wijn toevoegen.
  • Afdekken met aluminiumfolie dient ertoe om het vormen van een harde korst op de aubergines en het verbranden van de uien tegen te gaan.
  • Het recept komt uit Groenten uit de antieke, maar hoogst aktuele serie Praktisch Koken van Time/Life.

 

Wie doet nou toch zoiets?..

Ergens in de misdaadroman Diamant van de Vlaamse Meester Jef Geeraerts komt een scène voor waarin een man en een vrouw dineren in een extreem chique hotemetoterestaurant in de Brugse binnenstad. Het gesprek tussen de twee loopt niet. Wat een romantisch treffen had moeten worden mondt al snel uit in een knallende ruzie. Nog tijdens het voorgerecht steekt de vrouw een sigaret op. Ze kijkt woest naar haar overbuurman, drukt de sigaret vervolgens uit in de garnalencocktail, staat op en loopt weg.

Tot op de dag van vandaag herinner ik me dit als één van de smerigste scènes uit de Nederlandstalige lireratuur. Wie doet nou zoiets?…

Het schoot me allemaal weer te binnen toen ik de foto zag die Ellen maakte op de late avond tijdens het feest van Vriend Jan. Wie doet nou zoiets?…

Er moet nog een hoop beschreven worden lezer, een hele hoop. Het feest van Jan, de waaiervormige aubergines, de bieren uit Hulst, de rog in tomatensaus, de saté van Froukjes vader, de toetjes van Monera. Enfin, het komt allemaal wel. Maar nu even niet.

Huiver inussen maar even bij die malle sigaret in satésaus. Wie doet nou toch zoiets???

 

Andere genoegens: Jeffry Herlings…

Enfin,.. ik had er al een paar jaar naar uitgekeken. En afgelopen zondag gebeurde het dan écht. Op het circuit in het Italiaanse Faenze sprokkelde Jeffry Herlings voldoende punten om zich Wereldkampioen te mogen noemen in de MX2 klasse motocross. Voorwaar zo ongeveer het hoogste wat er in die sport te behalen is. De jongste wereldkampioen ooit!

In één klap werd mijn sport uit de anonimiteit getild. Het stond in alle landelijke dagbladen, het was op de radio en op televisie. Ze hadden het er allemaal over. Studio Sport zond beide manches live uit, dat was nog nooit vertoond..

De mooiste foto zag ik in het Eindhovens Dagblad, op de voorpagina van de sportkrant. Dramatiek lezer, dramatiek.

En gisteravond werd de nieuwbakken wereldkampioen gehuldigd in ons dorpje. Het Ridderplein was afgeladen vol, iedereen was er. Het KTM-team, inclusief tienvoudig wereldkampioen Stefan Everts, de coach, steun en toeverlaat van Herlings. De bobo’s uit onze nationale motorwereld, de hoogwaardigheidsbekleders van het dorp. Maar vooral de duizend fans, al dan niet gemotoriseerd.

Ik was er niet… Gebeurde er eindelijk weer eens iets in ons dorp wat ertoe deed, en ik was er niet. Ik had verplichtingen, ik kon daar niet onderuit. Ik heb in wanhoop dan Ellen maar gestuurd. Die wist op slinkse wijze, en met hulp van Vriend Jan, voor aan het podium te geraken. Kon ze nog een snapshot maken.

Ach, ik ga Herlings een brief schrijven. Niet dat zo’n jongen daarop zit te wachten, maar ik doe het toch. Je moet wat als fan op leeftijd…

Vandaag wordt Jeffry achttien jaar. Kan-ie eindelijk zijn rijbewijs gaan halen…

 

Schoteltje van soepvlees…

Restverwerking is een schone zaak, we blijven het beklemtonen. Het is niet moeilijk, je moet er alleen even over nadenken. En dan blijkt nagenoeg alles mogelijk.

Ik had weer eens soepvlees over na het trekken van een krachtige bouillon. Sinds ik het recept tegen kwam in het Rund- en kalfsvleesboek uit de antieke, maar hoogst aktuele serie Praktisch Koken van Time/Life ben ik het blijven maken. Ik beschreef het recept hier. Gisteren echter verwerkte ik er ook een restje gekookte aardappelen in. Gewoon het broodkruim vervangen door een laagje aardappelpuree. Ik dekte de aardappelen dan nog af met een beetje geraspte Parmasaanse kaas en wat vlokjes roomboter. En aangezien ik uitgleed met de azijnfles werkte ik een lepeltje honing door de uien. Kwestie van de zoet-zuur balans herstellen.

Voorwaar, degelijke kost! (En onwaarschijnlijk lekker…)

 

 

Bouillabaisse uit de buurt van Montpellier…

De foto toont een onderdeel uit mijn bouillabaisse. Welke vis het is weet ik niet. Het ziet er allemaal wat rommelig uit. Ik schaam me daar niet voor, de beste bouillabaisse-koks maken er een rommeltje van.

En nogmaals, wil je je vispannetje maken met filets (voor mijn part met vissticks), mijn zegen heb je. Het zal alleen nooit bouillabaisse worden.

Ik had aan mijn eerdere artikel nog een filmpje willen hangen. Een spectaculaire kijk in de keuken van een Chef die het echt kan, en dan ook nog eens voor een  groot en uitgelezen publiek. Zij restaurant heet Les Tamaris, chez Raymond. De man zal dus Raymond heten, ik kwam niet meer over hem te weten.

Kijk hier hoe Raymond een maaltijd maakt voor een goede veertig collega koks uit Lyon.

(De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik ook voor de man viel omwille van de espadrilles aan zijn voeten. Ik sjok in mijn vrije tijd al een jaar of veertig op zulke sloffen. Sympathiek volk, die espedrille-dragers. Guust Flater draagt ze ook…)