Paprikás van kip…

kip paprika

Gulyás, Pörkölt, Tokány en Paprikás, de vier traditionele Hongaarse paprikagerechten. De eerste twee zijn wat boers, de laatste twee iets verfijnder. Wat ze gemeen hebben is de basis: vet (vaak reuzel), uien en paprika. Door de verschillen van de bijkomende ingrediënten leveren ze toch weer geheel andere gerechten op. In het weekend aten we Pörkölt, vandaag maakte ik Paprikás met kippenvlees. Het recept voldoet voor vier personen.

  • 750 gram (biologische) kippenborst,
  • 2 eetlepels boter,
  • 1 eetlepel olie,
  • 2 uien,
  • 2 tenen knoflook,
  • zout en peper,
  • 1 eetlepel milde paprikapoeder,
  • 1 glas witte wijn,
  • 1 kop gevogeltebouillon,
  • 2 paprika’s
  • 1 bekertje zure room (200 gram),
  • 1 eetlepel gehakte peterselie.

Snijd het vlees in flinke dobbelstenen. Verhit de boter en de olie (die combinatie kan wat meer warmte hebben dan boter alleen) en bak het vlees op hoog vuur tot het aan alle kanten bruin is. Onderwijl het vlees peperen en zouten. De heel fijn gehakte uien kunnen nu toegevoegd en dan ook de genipperde knoflook. Het vuur kan wat getemperd worden. Wanneer uien en knoflook mooi glazig zijn geworden bestuif je het geheel met het paprikapoeder. Haal de pan van het vuur en roer het gerecht goed om, zodat alles rood van de paprika is. Blussen met wijn, en de pan weer terug op het vuur zetten. Dan de bouillon erbij. De paprika’s, geschild en in fijne blokjes gesneden, kunnen nu in de pan. Het gerecht heel even aan de kook laten komen en dan het vuur laag. Het geheel moet dan nog een kwartier stoven met de deksel op de pan. Roer helemaal op het laatst de zure room erdoor en dien op. Wat peterseliesnippers maken het gerecht af.

  • Opmerkingen achteraf:
  • Ik gebruikte kippenborst, maar andere delen van de kip kunnen ook. Het is alleen wat gedoe om ze met bot en al in het goede formaat te hakken (en de botjes kunnen dan splinteren).
  • Wanneer je borstvlees gebruikt kun je dat ook vóór het bakken bestuiven met meel, het vlees blijft dan iets sappiger.
  • Ook kun je het vlees uit de pan nemen wanneer je uien en paprika laat stoven. Ook dat om te voorkomen dat het borstvlees niet te droog wordt. Ik heb dat niet gedaan, ik vind het nogal wat gedoe, en mijn vlees was beslist niet té droog.
  • Ik geef in het recept een kwartier stooftijd aan (nadat de paprika is toegevoegd), mijn paprikás stoofde aanmerkelijk langer, dat deed het gerecht geen schade.
  • Je kunt de schil van de paprika’s verwijderen door ze boven een vuurtje te roosteren, ik gebruikte gewoon een dunschiller. Gaat ook prima.
  • Het recept zoals ik het (min of meer) gebruikte komt van Martina Meuth en Bernd Neuer-Duttenhofer (WDR Essen und Trinken).

Marleen en de Jongste Bediende zaten aan de keukentafel terwijl ik kookte. En aangezien er toch genoeg was nodigde ik ze maar uit mee te eten. We namen er een bordje sla bij, aardappelpuree en goed brood. We dronken een witte Spaanse en er was kaas en Café Bénédictine toe.

© paul

Zure koolsoep, ofwel Kyslyje sjtsje…

zuurkoolsoep 018

Het is hier koud, ijzig koud en dan heb ik opeens behoefte aan ander eten dan normaal. Wat meer eten (ofwel calorieën), wat meer vet, wat meer suiker. Paul verhaalde gisteren al van mijn barre tocht met de bus naar Eindhoven, (meer dan drie uur onderweg voor slechts 23 kilometer!) en dan was ik nog snel ter plekke dankzij een attente chauffeur; hij meed de stilstaande file en zocht een mooie, glibberige route door de woonwijk Nuenen, dat bespaarde uiteindelijk zeker 30 minuten zinloos stilstaan!!! Als iedereen morgen nu eens met de bus ging???

Maar goed, reizen met openbaar vervoer heeft natuurlijk ook zo zijn nadelen; bussen komen niet op tijd, je staat te wachten op een tochtige plaats zonder enige beschutting, met slecht weer is er nergens informatie te vinden over vertraging (geen file-melding voor bussen op het platteland)…

Maar dan kom ik thuis, in een lekker warm huis, Hond Max staat al blaffend en kwispelend aan de deur, de kaarsen zijn aan, mijn slofjes voorverwarmd, een borreltje mooi op temperatuur…, wat wil een mens nog meer…? Een stevige maaltijd!

Het is geen weer voor liflafjes, geen weer voor salades, we hebben even geen zin in saffraan of gegrilde biefstuken… Nu is het tijd voor zware soepen, stamppotten, worst, spek, zult en balkenbrij, bloedworst enzovoorts.

Het recept voor deze Zuurkoolsoep heb ik uit het boek van Diane Dubois. Ik maakte enbeschreef deze soep al eerder, maar zo’n recept gaat een volkomen eigen leven leiden en verandert dan ook al naar gelang de omstandigheden. Zo ging er vandaag wat komijn bij en wat meer peper. De vorige keer had ik nog een mooie worst uit de Jura in de diepvries, die verving ik vandaag voor een stuk minder lekkere rookworst… Nu ja, zo gaat dat…het resultaat was er niet minder om. Een stevige maaltijdsoep, serveren met grof brood en gezouten boter.

    • 400 gram runderschenkel, (en maak daarvan een krachtige bouillon)
    • 100 gram pancetta, in kleine blokjes gesneden
    • 1 (biologische) rookworst
    • 250 gram zuurkool
    • 3 tomaten
    • 3 middelgrote aardappels
    • 2 fijngesneden bosuitjes
    • 2 fijngesneden wortelen
    • 2 kleine tomaten
    • 2 fijngesneden tenen knoflook
    • een paar komijnzaadjes en flink wat versgemalen peper
    • 50 gram boter (of, voor de echte liefhebbers; reuzel)
    • 5 eetlepels zure room
    • 5 eetlepels fijgehakte peterselie, 1 laurierblad, versgemalen peper, zout.

Maak bouillon van het rundvlees. (De bouillon was al klaar vanavond, soms moet je vooruit denken.) Verwarm de boter in een braadpan en snijd de zuurkool met twee messen heel fijn. Bak de pancetta even zachtjes aan in de boter of reuzel. Voeg dan de zuurkool toe en laat die in de boter warm worden. Voeg al roerend de bosuitjes, de knoflook, de stukjes tomaat, wortelen, aardappelen en de kruiden toe. Bak even mee en zet het vuur laag. Verwarm de bouillon. Haal het vlees van de schenkel en en voeg het vlees bij het zuurkoolmengsel. Voeg dan de bouillon toe, breng het geheel aan de kook en laat de soep nog even zachtjes doorkoken. Haal de pan van het vuur, roer de peterselie erdoor en serveer de soep op voorverwarmde borden met een flinke dot creme fraiche en een snee boerenbrood met gezouten boter.

Er paste zelfs een glas wijn bij deze wintersoep; wij dronken een: Montagny, premier cru 2006, Domaine du Hameau de la Tour.

Stukje kaas toe en een stevige espresso, zo komen wij de winter wel door!

© ellen.

Het kerstdiner deel 2

kerst 2008 029

Het recept voor de carpaccio van rode biet beschreef ik al eens. In plaats van stukjes gerookte forel maakte ik een mousse van gerookte forel met wat creme fraiche. Ter garnering wat zalmkuit.

Het recept voor de tortellini vind je via deze link. Omdat het een voorgerecht was in dit menu maakte ik per persoon 3 tortelini.

De lamsbout, voor ons gezelschap 2 lamsbouten van ongeveer 3 kilo, maakte ik als volgt; *)

kerst 2008 019

Maak met een scherp mesje een aantal inkepingen in de bout en stop daarin een teentje knoflook en wat verse rozemarijn. Braad het vlees rondom aan in een pan en flambeer dan met armagnac. Laat even branden en blus dan af met witte wijn. Daarna gaat de bout ongeveer 3 uur in de oven. De begintemperatuur op 200 graden. Temper later tot 160 graden. Voeg af en toe wat bouillon toe en het laatste half uur een flinke handvol gepelde knoflookteentjes. Haal het vlees uit de oven en laat het even rusten. Doe het braadvocht, de helft van de knoflookteentjes en een flinke scheut room in een sauspan en pureer met de staafmixer. Verwarm en laat even zachtjes doorkoken. Voeg eventueel wat peper en zout toe.

Voor de chocolademousse gebruikte ik het recept van Druppels . Enigszins aangepast, mét de raadgevingen van Gerrit-Jan van Eetschrijven en alles een aantal keren vermenigvuldigd natuurlijk. Helaas heb ik geen foto van het dessert, het zag er erg mooi uit. De mousse werd in een glazen schaaltje geserveerd op een groot bord. Het bord bestrooid met wat cacaopoeder en gegarneerd met een witte roos en een groen blaadje, van marsepein.

*) in de oven van de Jongste bediende kunnen twee bouten tegelijk gegaard worden. Onder de lamsbouten was nog plaats voor de aardappeltjes. De aardappeltjes even voorkoken en gratineren met versgehakte platte peterselie en wat olijfolie.

© ellen.

Carpaccio van rode biet met balsamico en gerookte forel…

carpaccio van rode biet met balsamico en gerookte forel

Van de week gezien op tv, een Duits programma over kerstmenu’s. Dit gerecht leek me wel wat. Simpel, en weer eens iets heel anders. Ik besloot dit recept eens uit te proberen. Zo gezegd zo gedaan. Ik kocht rode bietjes en gerookte forel. Balsamico had ik nog in huis, hele lekkere zelfs. De bietjes worden eerst gaargekookt en gepeld. Daarna moeten ze heel dun gesneden worden. Je moet er als het ware door heen kunnen kijken. Ik gebruikte daarvoor de truffelschaaf, die is heel dun in te stellen.

Voor twee personen (met flinke honger)

  • 2 middelgrote, liefst biologische, bietjes, gaargekookt en gepeld
  • 5 pimentkorrels
  • 8 witte peperkorrels
  • 3 jeneverbessen
  • wat grof zeezout
  • 1 eetlepel appelzaijn
  • 1 eetlepel oude balsamicoazijn
  • 2 eetlepels goede olijfolie
  • 125 gram gerookte forel

Schaaf de bietjes flinterdun en schik ze in een schaal. Maal de kruiden en het zout in een vijzel en meng ze met de olie en azijn. Giet deze marinade over de bietjes en schep ze voorzichtig om. Laat de bietjes zo een paar uurtjes marineren. Schik de plakjes biet op een mooi groot bord en leg er de gerookte forelfilets op. Bestrooi met wat grove peper.

Ik vond het achteraf niet mooi zoals de forel hier op de bordjes ligt. Verdelen in wat kleinere stukjes was beter geweest. Bovendien gebruikte ik nogal veel vis voor een klein voorgerecht. Ik denk dat het lekker is als er wat minder vis gebruikt wordt, het gaat echt om de bietjes. Volgens mij zou er ook wat dressing over het geheel gesprenkeld mogen worden en misschien nog een paar druppels balsamico aan de rand van het bord als garnering. En voor de Kerst, om het extra feestelijk te maken wat zalmkaviaar. Niettemin waren wij heel tevreden over de smaak. Een mooie combinatie! weinig gedoe en veel effect.

Binnenkort krijg je een verbeterde versie met een mooiere foto.

*) misschien heb je wel zo’n leuke vijzel of een truffelschaaf gekregen van Sinterklaas, die kan dan meteen gebruikt worden!

*) Trek wel plastic handschoenen aan bij het pellen en schaven van de bieten, anders zit je met rode vingers aan het kerstdiner.

© ellen.

Wildzwijnragout met morielles…

wilzwijn

We aten het vorige week al een keer, ragout van wilzwijn. Dat beviel zo goed dat we dit gerecht in een iets andere versie gisteren nog eens aten. Een feestelijk etentje vanwege Sinterklaas, maar deze wilragout zou heel goed op het Kerstmenu kunnen staan. Niet echt veel werk. Er kan weinig aan mislukken, niet moeilijk klaar te maken en, echt feestelijk.

Ik kocht het vlees bij Lidl, niet bepaalt een winkel waar je zoiets zou verwachten. Maar de prijs was heel redelijk en wildzwijn is hier in de buurt nergens te koop, dus ik dacht ik probeer het gewoon een keer. Het vlees is verpakt in porties van 400 gram. Op de verpakking staat ‘Wildzwijn medaillons in rode wijnmarinade’. De wijn was nergens te ontdekken op de ingrediëntenlijst.Gelukkig maar, voor mij hoeft dat niet. De marinade bestaat volgens de verpakking uit; glucosesiroop, water, sacharose, zout, kruiden en specerijen. De verpakking bevat vijf á zes flinke stukken wildzwijn. De bereidingswijze zegt het vlees kort te bakken op een vrij hoog vuur. Baktijd rosé: 5-6 minuten. Dat leek me niet slim. Voor je het weet zit je met een taai stuk wild op tafel. Achteraf bleek dat reuze mee te vallen. Het vlees was mooi gesneden en lekker mals maar dat wist ik niet van te voren. Ik besloot er de marinade af te vegen en er een stoofpotje van te maken. Ik sneed het vlees in wat kleinere stukken. De hoeveelheid is genoeg voor twee personen.

  • 400 gram wildzwijnvlees in kleine stukjes gesneden
  • wat boter
  • 1 kop bouillon
  • 1 glas stevige rode wijn
  • 1 sjalot, fijngesneden
  • 5 pimentkorrels, 3 kruidnagelen, 1 laurierblad, peper
  • 10 á 15 verse zilveruitjes, gepeld
  • 1 handjevol gedroogde morielles
  • een scheutje rode port, ruby

Week de morielles 20 minuten in wat water. Verhit de boter en bak daarin het vlees rondom bruin. Doe de gesnipperde sjalot erbij en laat even meebruinen. Blus dan af met de bouillon en voeg de kruiden toe en het glas rode wijn. Laat het vlees zo een uurtje zachtjes stoven. Doe er dan de zilveruitjes, de morielles en een scheutje port bij en stoof nog een half uurtje.

Dit vlees was, waarschijnlijk mede door de marinade, heel mals. Het is gekweekt wild. Heb je echt wildzwijn dan moet je goed weten van welk deel het vlees gesneden is. De stooftijd kan aanmerkelijk langer uitvallen.

Serveer met aardappelpuree of een puree van aardappels en knolselderij en spruitjes of rode kool. Een mooi glas wijn erbij en je hebt een feestelijke maaltijd.

© ellen.

Rode kool met appel…

rode kool

Er wordt de laatste tijd veel geschreven over verdwenen groenten en dan gaat het over pastinaak, schorseneren enzovoorts. Er dreigen echter nog veel meer groenten in het vergeetboekje te raken. Kool bijvoorbeeld. Je ziet ze al bijna niet meer in de supermarkt, gewoon een hele kool. Ze worden alleen nog voorgesneden aangeboden, verpakt in plastic zakjes. De meeste kinderen weten al niet meer hoe een hele kool eruit ziet. En ze zijn nog wel zo mooi die kooltjes. Ik kocht een kleine biologische rode kool op Bronlaak en stoofde het kooltje vandaag met wat appel en kruiden. We aten er een ragout bij van wilzwijn. Een mooi glas wijn erbij en we waren het samen helemaal eens; dit was een vorstelijke maaltijd. Dit kun je gerust met de kerstdagen aan je gasten voorzetten!

rode kool en rode kool

Rode kool voor vier personen;

  • een kleine rode kool
  • een klein klontje boter
  • 1 flinke goudreinet
  • 5 pimentkorrels
  • 3 kruidnagelen
  • 1 blaadje laurier
  • 1 theelepel kaneel
  • peper en zout
  • 2 eetlepels azijn, liefst appelazijn
  • 1 kop water
  • eventueel een lepeltje suiker

Verwijder het buitenste blad van de kool en snijd hem in vieren. Rasp dan de stukken kool heel fijn. Schil de appel, verwijder het klokhuis en snijd er dunne plakjes van. smoor de plakjes appel even zachtjes in de boter. Voeg de rode kool toe en de kruiden. Roer alles goed om en giet het water erbij. Laat de kool zo zeker anderhalf uur stoven.

© ellen.

Sucadelapjes met zilveruitjes en rode wijn…

sucadelapjes met zilveruitjes en rode wijn

Wij hebben het deze weken verschrikkelijk druk en dan blijkt maar weer eens dat je goed moet organiseren als je toch iets lekkers wil eten én ook nog een beetje verantwoord wil inkopen. Wij eten meestal biologisch vlees, dat bewaren we in de diepvries. Dat betekent dus dat we s’morgens al moeten nadenken wat er s’avonds gegeten moet gaan worden. In drukke tijden gaat dat nogal eens mis. Gewoon vergeten, geen zin om er vroeg in de morgen al over te denken en ga zo maar door…

Soms wordt het dan maar afhaalchinees, pizza. Andere keren snelt een van ons naar de slager en koopt maar iets snel te bereiden. Lamskarbonaadjes, een entrecôte.

Zo had ik dat ook vandaag bedacht. Deze vrijdag was voor mij een extra werkdag. Op mijn weg naar huis even naar de super en de slager…Wat groenten, wat snel te bereiden vlees. Jammer, helaas, waren de lamskarbonaadjes op en moest ik een andere keuze maken. Zonder goed na te denken kocht ik sucadelapjes. Een smakelijk stukje vlees daar niet van, maar dat moet wel zeker anderhalf uurtje stoven! Stom want ik had verschrikkelijke honger. Thuisgekomen dus snel het vlees aangebraden, wijn erbij, kruiden erbij enzovoorts. En tegen de honger een stukje worst, een stukje kaas dan maar vast, en een glas wijn erbij om te onthaasten, Feierabend ten slotte!

Voor vier personen;

  • vier sucadelapjes, aan één kant ingesmeerd met grove mosterd
  • wat olijfolie
  • 1 glas stevige rode wijn
  • 1/2 kop bouillon
  • 20 zilveruitjes, gepeld
  • laurier, kruidnagel, peper en zout

Verhit de olie en bak het vlees even snel aan beide kanten bruin. Blus af met de wijn en voeg de kruiden toe. Laat het geheel zo 1 uurtje zachtjes sudderen. Doe er dan de zilveruitjes bij en stoof nog ruim 30 minuten door. Haal de deksel van de pan en stoof nog even zodat de saus wat kan indikken.

Wij aten er vandaag brocolli en gekokte aardappeltjes bij.

En natuurlijk een kopje espresso toe.

Ik vraag me wel eens af hoe anderen dat doen, werken, boodschappen, plannen, koken en dat alles toch smakelijk en een beetje verantwoord, zonder al te veel gestress???

@ ellen.

Zelfgemaakte torteloni met spinazie en gorgonzola

pasta met spinazie

Soms lijken gerechten wat ingewikkeld om op te schrijven, dan moet ik er even over nadenken. Vrijdag maakte ik zelf torteloni met spinazie en gorgonzola. Ik verwerkte de spinazie zowel in het deeg als in de vulling. Ik maak regelmatig zelf pasta maar tot nu toe altijd gewoon van meel en eieren. Het leek me altijd moeilijk om gekleurde pasta te maken. Vrijdag toch maar eens geprobeerd om een kleurtje en smaakje aan de pasta te geven en dat lukte bijzonder goed. Eigenlijk helemaal niet moeilijker dan gewone pasta. De spinazie maakte het deeg zelfs sneller soepel.

Torteloni met spinazie en gorgonzola voor vier personen:

  • 300 gram spinazie, een paar minuten blancheren en goed uit laten lekken. Daarna heel fijn hakken.

Voor het deeg:

  • 300 gram pastameel
  • 2 eieren
  • 2 eetlepels spinazie
  • wat zout

Voor de vulling:

  • 4 eetlepels spinazie
  • 50 gram gorgonzola
  • 1 handje versgeraspte peccorino
  • 1 eidooier
  • peper, nootmuskaat. De gorgonzola verkruimelen en alles goed door elkaar mengen.

Voor de saus:

  • 2 eetlepels spinazie
  • 100 gram gorgonzola
  • 1 bekertje room
  • peper en zout naar smaak

Kneed alles goed door elkaar en vorm er een mooie deegbal van. Laat het deeg even rusten en werk het dan een aantal keren door door grootste stand van de pastamachine. Als het deeg soepel is zet je de knop op 2 en draait het deeg erdoor. Ga zo verder tot stand 7. Je hebt nu mooie dunne plakken groen deeg.

torteloni met gorgonzola en spinazie

Snijd er met een vormpje rondjes uit met een doorsnee van ongeveer 6 cm. Leg op een rondje de vulling en druk er een tweede goed op. Vouw de randen dicht, druk ze met een vork goed aan.

Saus; Breng de room met de spinazie zachtjes aan de kook en smelt er de verkruimelde gorgonzola in. Breng verder op smaak met wat peper en zout.

Kook de pasta in heel ruim gezouten water, ongeveer 3 minuten. Schep ze uit de pan en laat ze even uitlekken. Serveer met de saus.

torteloni met gorgonzola en spinazie

Ik kon er precies 24 torteloni van maken. Nogmaals het lijkt allemaal ingewikkelder dan het is. Gewoon aan beginnen, het resultaat is de moeite meer dan waard. En, dan komt eindelijk die bijna nooit gebruikte pastamachine eens uit de kast!

Oja, bijna vergeten, de restjes; Je houd natuurlijk een helboel kleine stukjes deeg over. Snijd die met een deegradertje in fijne reepjes. Ik gebruik deze deegreepjes vandaag om de kippensoep mee te vullen.

© ellen.

Confit de canard…

confit de canard

Ik schreef je al eens over onze avonturen met “verpakt” eten, over  de verschrikkingen, maar ook over de hilariteit die dergelijk voedsel op kan leveren. Maar ook liet ik je vol trots weten hoe goed het kan gaan…

Confectie voedsel bestaat al weer een goede honderdvijftig jaar, verpakt in blik, in karton, in glas. Enfin, we waren het er dus over eens dat het beter vermeden kan worden, maar soms kan dat even niet. Met goed geconserveerde groenten is niets mis. Denk aan tomaten, aan artisjokkenharten, aan kapucijners of bonen. Met vlees en vis ligt het alweer wat gevoeliger, maar ook daar biedt het blik soms uitkomst. Als het puur en alleen om het conserveren gaat wil ik nog mild zijn, de problemen ontstaan dáár waar de fabrikant voor jou gekookt heeft. Kant-en-klaar-uit-een-potje. Het is bijna altijd fout…

In Frankrijk bestaat evenwel een hele lange traditie van geconserveerd kwalieteitsvoedsel. Vaak streek gebonden, gemaakt met de beste spullen. In elke supermarkt vind je wel een rek met dat soort dingen, maar ook op markten en bij de slager, de grutter of de bakker. Het gaat meestal om vlees: worstjes, rillette, pastei, paté, maar ook stoofpotten van kip, van varken,rund of lam vind je er. En natuurlijk komt er ook een hoop verdachts op de markt. Maar daar ben je zelf bij. Moet je maar fatsoenlijk inkopen en niet voor een dubbeltje op de eerste rij willen zitten.

Van de zomer sloegen we weer een paar van die potten en blikken in. En eergisteren openden we er een van. Confit de canard, eendenpoten gegaard in ganzenvet. De spullen kwamen uit het zuid westen van Frankrijk, waar deze vorm van bereiden zou zijn uitgevonden. Het vlees had een betrouwbaar keurmerk, wat betreft kwaliteit alsook ten aanzien van afkomst. Het merk kan ik je niet geven, ik heb zojuist het blik in de daartoe bestemde afvalcontainer bij de plaatselijke AH gedeponeerd. Ik dacht dat ik een foto van het blik had, dat is dus niet zo. Wel weet ik dat het uit een productielijn stamt, speciaal opgezet voor de supermarktketens Match en Cora.

Vier eendenpoten zaten er in de verpakking, ingebed in ganzenvet. Je hoefde alleen het (gesloten) blik voor korte tijd in heet water te zetten om het vet te laten smelten, zodat de poten vrij kwamen. Poten in een ovenschaal en in een voorverwarmde oven bij 200 graden warm laten worden in een goed kwartier. De laatste vijf minuten even pal onder de gril om een knapperig korstje te genereren. We voegden alleen een paar plukjes rozemarijn toe. Vet of olie hoefde er natuurlijk niet extra bij. Om het vlees lag al een filmlaagje ganzenvet. En wat de eend van zichzelf aan vet bezat smolt mooi uit in die vijftien minuten. De smaak was voortreffelijk. Het ganzenvet hebben we gezuiverd, dat staat in de koelkast te wachten op andere toepassingen (aardappeltjes in bakken!).

We aten er gestoofde zuurkool bij en een zalvige aardappelpuree.

confit de canard en zuurkool

© paul

Gestoofde zuurkool…

 zuurkool

Ik vertelde je vandeweek over de inkopen die we deden op Bronlaak. Daar hoorde onder anderen “verse” zuurkool bij, zelf gemaakte.

Doorgaans maken wij gebruik van de diensten van AH. De voorverpakte zuurkool “eigen merk” bevalt ons heel aardig, en trouwens, we hebben ook niet zo heel veel andere keus. Het was dan ook een verrassing om die zelf gemaakte zuurkool aan te treffen in het winkeltje van Bronlaak. Grof gesneden kool, mooi gefermenteerd en verpakt in tweepersoons porties. Men had de groente verrijkt met wat peperbolletjes en jeneverbes. De smaak was prima, maar iets minder mild dan die befaamde zuurkool uit de Elzas. We maakten hem als volgt klaar:

In een stoofpannetje liet ik 50 gram spek (in dobbelsteentjes gesneden) bakken tot ze mooi bruin waren. Dan stortte ik de zuurkool erop. Aangezien de groente wel erg magertjes was gekruid deed ik er nog een stuk of zes jeneverbessen bij. Daarover ging nog een flinke scheut bouillon en het gerecht mocht nu een minuut of vijftien stoven. (Wordt het te droog, dan gewoon een voorzichtig scheutje bouillon of water toevoegen.)

We aten er confid de canard bij en een zalvige aardappelpuree. Riesling uit de Elzas paste als gegoten.

confit de canard en zuurkool

© paul