De verhuizing van de zevenslaper…

jacht op de zevenslaper

Tsja, het verhaal van de zevenslaper is nog niet afgelopen; vanmorgen, zo rond dezelfde tijd als gisteren, hoorde ik weer gerommel op het dak. Onze caravan had een slecht dak en wij hebben op het dak een tweede dak gemaakt. Er zit zo’n 15 cm ruimte tussen de beide daken zodat de luikjes van de caravan gewoon open kunnen, dat ventileert prima. Ik had gisteren na het bezoek van de zevenslaper de beide dakluikjes voor alle zekerheid toch maar gesloten, je weet maar nooit… En ja hoor, rond de klok van 12.00 uur probeerde de zevenslaper weer door het luik naar binnen te komen. Ik heb er Joop maar weer bijgehaald en die besloot de vangkooi opnieuw te plaatsen. We zagen de zevenslaper over het dak rennen en even over het randje kijken. Joop concludeerde dat we te maken hebben met een zevenslaper met slaapproblemen want die beestjes moeten eigenlijk slapen overdag.

Ditmaal heeft hij de kooi, voorzien van een boterham met pindakaas, tussen de beide dak-lagen gezet. Geplakt moet ik eigenlijk zeggen (waar ducktape al niet goed voor is!) ik ben vanmiddag natuurlijk een paar keer wezen kijken maar pakte op een gegeven moment mijn boek weer op. Rond zes uur hoorde ik weer een hoop gerommel en ging naar buiten om te kijken. En ja hoor, gevangen! Hij/zij had de boterham met pindakaas al opgegeten en wilde nu snel uit de kooi. Ik heb geprobeerd foto’s te maken maar het beest zat natuurlijk niet stil.

Goed, gevangen, maar wat dan? Zielig om zo’n beestje dood te maken omdat het toevallig op een vervelende plaats zit. Laten zitten betekent ook vervelendigheid; ze knagen alles kapot. Joop heeft een donkere doek over de kooi gelegd en het beestje zo verhuisd naar een mooi bos 10 kilometer verder. Nou einde verhaal, hoop ik. Het zou zomaar kunnen zijn dat er nog een zit?

© ellen.

Een Zevenslaper…

zevenslaper
Vanmorgen hebben we even snel wat boodschappen gedaan en daarna zou Paul weer terugrijden naar Nederland. Hij moet helaas nog een paar dagen werken. Bij het opbergen van de boodschappen zag ik opeens een vreemd keuteltje. Niet van een muis, groter en bruiner… en even later nóg een vers keuteltje… Nou ben ik niet echt bang van dieren maar een prettig idee vind ik het ook niet dat er een of ander beest in de caravan rondsluipt. We gingen dus op zoek en al snel ontdekten we een beestje in de opbergruimte. Daar bewaren we etenswaar dus daar moet zeker geen beest inzitten. Paul zag een grote grijze staart en kwam tot de conclusie dat het een grijze eekhoorn zou moeten zijn. We hebben het hele hok leeggeruimd maar het beest verstopte zich telkens weer. Op een gegeven moment lukte het Paul om het diertje naar de kamer te jagen en hij was ervan overtuigd dat het beestje door de openstaande deur naar buiten gevlucht was. Einde verhaal. Paul nam afscheid en reed terug naar Nederland.

Maar toen ik vanmiddag rustig zat te lezen hoorde ik opeens iets tinkelen op de plank met glazen… en jawel daar zat het beestje weer. Ik besloot er Joop, de campingbeheerder bij te halen. Joop was vroeger boswachter en weet alles van dieren in en om de bossen. Joop trok een paar speciale dikke handschoenen aan, want “die krengen kunnen flink bijten”. Joop zag meteen dat het geen grijze eekhoorn was. Het was een zevenslaper of relmuis. Ook Joop kreeg het beestje niet te pakken het verdween weer razendsnel en was nergens meer te zien. Dus besloten we een val te zetten. Op mijn vraag wat het lokmiddel zou moeten zijn vertelde Joop dat een boterhammetje met pindakaas het beste is. Dat vinden ze lekker. Ter geruststelling; het was een keurige ruime val waarin het diertje niets akeligs zou overkomen. Alleen om te vangen en dan in het bos los te laten. Ik vond het toch maar een akelig idee dat dat beest s’nachts rond zou sluipen tot hij in de val zou lopen, maar goed, afwachten dus.

Om mijn gedachten wat te verzetten besloot ik mijn boek weer op te pakken en in het zonnetje te gaan zitten. Ik pakte mijn vlinderstoeltje, droeg naar buiten, klapte het open en iiiiek… daar sprong het beest uit! Het vluchtte meteen onder de caravan, maar ik kon nog wel zien hoe het eruit zag. Grijs, met een dikke staart zoals een eekhoorn heeft. Ongeveer  30 centimeter lang. Het verdween té snel om een foto te maken. De foto heb ik van google geplukt.

Wikipedia leert mij dat zevenslapers in Nederland niet voorkomen. En wie nu denkt dat het hier toch over eten zou gaan;  De relmuis gold bij de oude Romeinen als een lekkernij. De dieren werden gehouden en vetgemest in potten, gliraria genaamd. Als de dieren vet genoeg waren, werden ze gekookt en opgegeten. Een gemiste kans dus… Maar goed ik ben eerlijk gezegd blij dat hij weg is. Nu mijn stoeltje nog schoonmaken, dat is helemaal volgescheten!

© ellen.