Kruidige boter voor de mosseltjes…

Mosselen met kruidenbotersaus...
Mosseltjes betrek ik normaal gesproken van Supermarkt Albert, bij ons om de hoek. Ze bieden doorgaans de waar van schelpenkoning Prins & Dingemans aan, en ook hun huismerk stelt nooit teleur.

Wie schetste mijn verbazing toen de aanvoer vanaf januari stokte. Bij navraag wist men mij te vertellen dat het even niet het seizoen was. Dat was natuurlijk baarlijke nonsens. Want ook al zijn er so-wie-so nog nauwelijks lege seizoenen in het mosselbedrijf, juist de wintermaanden garanderen een uitgebreide aanvoer. Enfin, hoe ik ook zeurde, er kwamen geen mosselen en er was niemand die me kon vertellen waarom niet. Die toestand heeft een week of vier geduurd. Ik haalde mijn mosseltjes dan maar op de Helmondse zaterdagmarkt. Daar lagen ze wel, en in overvloed.

Maar gelukkig is de aanvoer in de plaatselijke Super intussen ook weer opgang gekomen, en dat is wel zo handig. Toen ik ze vorige week zag liggen schafte ik me dan ook meteen twee kilo aan. Ik wilde ze eten met kruidige boter, een recept dat via Markus Huibers van de Volkskeuken tot ons kwam.

Mosselen met kruidenbotersaus...

Het hele gedoe met boter klaren, de kruidensaus maken en de mosseltjes koken heb ik al beschreven. Je kunt naar het artikeltje doorklikken via de hieronder staande link. Ik vermeld in dit verhaal alleen de verschillen met die eerdere bereiding.

Allereerst veranderde ik wat aan de samenstelling van de kruiderij. In de plaats van salie gebruikte ik dragon, en het was dus logisch dat de saus anders ging smaken en geuren. De dragon bleek een geslaagde toevoeging.

Voorts hakte ik de kruiderij grof. Achteraf blijkt dat heel fijn hakken (zoals vorige keer) beter en smakelijker is.

De mosselen kookte ik met de toevoeging van een portglas Noilly Prat (Zuid-Franse vermouth). En dat verhoogde de feestvreugde aanmerkelijk. De mosseltjes kregen wat van de smaak mee en het kooknat bleek een heerlijk zuiders soepje te zijn geworden.

Ook nu weer bleef er een flinke hoeveelheid van de gekruide boter over. Geen nood: de boter is breed inzetbaar. Ik bakte er al een ei in, en ook verse kreeftenstaartjes. Prima geschikt is de boter voor de bereiding van wijngaardslakken (gaat dit weekend gebeuren…).

Voorts blijft staan dat mosselen, gedoopt in wat van deze botersaus, tot de lekkerste schelpdierengerechten behoren die je kunt bedenken…

Lees ook: Mosselen met kruidige boter

© paul

 

Asperges, primeur 2017…

IMG_1541
Het gonsde al enige dagen op de food-logs; her en der was er een verse asperge gesignaleerd! Carla bijvoorbeeld had er eentje voorbij zien komen tijdens een fijne maaltijd, vermomd als uitgelezen voorgerecht.

Enfin,.. zoals elk jaar hebben wij hier op het Ministerie de foodbloggersprimeur, wij wonen per slot aan de bron. En als onze vaste leverancier, de Familie van Dinter, aankondigt dat het seizoen geopend is, dan is dat zo. En de opening was vandaag!

Ik werd dan ook vanochtend door mijn geliefde voortijds uit bed gerammeld. Tijd voor een kop koffie was er nog net, de krant diende ik maar te lezen in mijn eigen tijd. Ik werd de deur uitgebonjourd met de overduidelijke boodschap niet terug te keren zonder een maaltje van het Witte Goud.

Ik was niet de eerste klant bij Van Dinter. Terwijl ik mijn auto een beetje ordentelijk parkeerde snorde mijn collega Ria me voorbij op haar kekke electro-bike; zij was eerst… Ze sloeg twee keer anderhalve kilo aspergestukken in. Dat wordt twee fikse pannen soep, verantwoordde ze haar inkoop. Enfin, na het uitwisselen van nog wat wetenswaardigheden (milde roddel) was ik aan de beurt. Ik schafte mijn eerste maaltje van Jaargang 2017 aan.

Ellen plaatse dan onmiddellijk een plaatje van de aanschaf op haar Facebookpagina en de reacties bleven niet uit. Neef Max stelde voor om een maaltje naar Warmenhuizen te brengen en Vriend Bert uit Drenthe reserveerde alvast een plaatsje aan onze dis. Mars uit Luxemburg toonde zich bereid om aldaar te onderhandelen met de lokale caféuitbater ten einde mijn favoriete bier weer op de kaart te krijgen, mits hem een maaltje Gemerts Goud ten deel zou vallen. En Cees uit Portugal wacht met spanning af wanneer er geleverd wordt. Mariëtte, die doorgaans poëten als Vasalis en Lucebert citeert ( Alles van Waarde is Kwetsbaar…) dichtte nu vrijelijk: Met Van Dinter verdrijf je de Winter! Nou ja…

En al het volk dat ons al enige jaren volgt op deze site weet (of dient te weten) dat die asperges uit ons dorp de beste zijn van het land. Een stuk of acht aspergeboeren uit onze contreien bieden hun waar aan onder de verzamelnaam Vrije Heerlijckheid. Of dat nog steeds zo is weet ik niet, bij Van Dinter noemen ze hun asperges dit jaar Smaakasperges. Ondanks het feit dat zo’n benaming helemaal niks wezenlijks zegt over de kwaliteit blijven hullie asperges de beste van Nederland.

Zoals op het Ministerie te doen gebruikelijk is worden de eerste asperges van het jaar traditioneel gegeten, dat wil zeggen: met ham, met ei, met goei boter. Een snuifje vers geraspte nootmuskaat en een flintertje gehakte platte peterselie mag als sobere toevoeging, maar daar houdt het op…

Ik heb Ellen al geruime tijd geleden beloofd om niet voortdurend in superlatieven te schijven over onze maaltijden. Je zult van mij dan ook niet horen dat dit de lekkerste asperges ooit waren. Maar ik keek eens schielijk naar het bord aan de overkant van de keukentafel en ik zag er ruim een pond van die groenten wegschuiven. Nou ja, trek zelf je conclusie…

Kopje espresso en een paaseitje toe.

© paul

 

Troosteten…

Gefrituurde wonton...
Je laat je in een artikeltje ontvallen dat enige ongesteldheid jou deel is (snotverkoudheid, bibbergriep, kriebelhoestexplosies, kleffe zweterigheid) en de beterschapswensen stromen binnen. Niet op deze website, maar op Ellen d’r Facebookpagina. (Hoezo? Zij was toch niet ziek!!). Enfin, ik ben er uiteindelijk wel verguld mee; zoveel aandacht, zoveel medeleven, zoveel menselijkheid…

Tussen de schappen van de buurtsuper sprak een trouwe lezer(es) me aan. Of het wel goed ging, of ik niet in bed hoorde te liggen en of ik mijn jas goed dicht wilde knopen, er stond een guur windje. Ach, ik werd er verlegen van…

Maar lezer, het mag allemaal geen grote naam hebben. Ik lijd aan de naweeën van een lichte griep en een forse verkoudheid. En als ik weer eens in oorverdovend gebulder losbarst, snakkend naar adem, mezelf en de wereld in de meest grove bewoordingen vervloekend, dan zet mijn omgeving me snel weer op mijn plaats. Of ik lijd aan het syndroom van Gilles de la Tourette vragen Het Kind en Ellen me met gepast cynisme. En ik bind in…

In tijden van ongesteldheid zorg ik evenwel prima voor mezelf. Niet ben ik het type gast dat wagonladingen roze koeken gaat zitten wegkanen, of pondspakken Engelse drop, of dikke tabletten gevulde chocolade. Liever prepareer ik voor mezelf een portie troosteten; eenvoudige pasta met een teentje knoflook, wat verse peper en een schaafje truffel. Een geroosterd sneetje witbrood met een schijfje ganzenleverpaté en een lik pruimenmousse. Of een vers soepje, liefst gevuld…

De kopfoto toont een van mijn troostmomenten. Gefrituurde Wan-tan (gevulde deegkussentjes) met een gefermenteerde vissaus en een zoet-zure pepersaus. En hoewel ik deegkussentjes liever gestoomd eet, smaken de gefrituurde exemplaren me ook prima. Bijkomend geluk is de overdaad aan pepersaus. Die opent alle holtes in mijn kop, het grote snotteren kan beginnen. En dat lucht op…

© paul

Het laatste woord…

carnaval 2017 optocht

Een gevaarlijke mix van vilein en charmant… Enfin, de foto spreekt voor zich. En de Carnavalsvertellingen dienen een einde te nemen.

Ons gezelschap heeft het overleefd en iedereen verheugt zich op de volgende editie van het Feest der Feesten. Dat moet toch voldoende zeggen. Voor enkelen van ons dienden er tussentijds nog wat serieuze zaken afgehandeld te worden(o.a. plakte Willy voor zijn broodheer nog snel een muurtje nieuwbouw, volgde Julia een college over enge dierenziekten en werd Flora na het weekend alweer verwacht op de Campus van Wageningen.)

Die maandagavond viel het Heintje Davidscollectief met de deur in huis en gaf een afscheidsconcert ten beste op het Ministerie (ze geven al tien jaar afscheidsconcerten en deden daarmee hun naam eer aan). Dinsdag rond de klok van twaalf werd er gebrunched in het Café Met / Zonder Ruis (gebakken eieren, bloedworst met appeltjes, balkenbrij, aardappelkroketjes met gehakt, balletjes in tomatensaus, salades, broden en worsten). Later die dag concerteerde de Zwarte Kabouter Bende met het ZAB-orkest op het podium van etablissement De Keijzer. En tussen al die bedrijvigheid door maakte men her en der opwachting. Enfin…

En het feit dat een gemene griep mij ergens in de dinsdagavond velde en ik vervolgens bij het Woensdagfeest van Marleen en de Jongste Bediende verstek moest laten gaan om de dag trippend in mijn bed door te brengen mag dan een domper voor mij wezen, voor de andere honderd gasten mocht het de pret niet drukken.

De Voedselvoorziening:

  • Een goede 36 liter soep werd er omgezet, er bleef geen druppel over. Bonensoep, vegetarische linzensoep, ossenstaartsoep en natuurlijk de kerriesoep van Anita.
  • 4 kilo Zoer Vleisj maakten Neel en Evert, en erbij ging 5 kilo aardappelpuree en 2 kilo uien.
  • 80 haringen slobberde men weg op het Woensdagfeest en daarbij nog van Marja een Molukse hoeveelheid gehaktballetjes in pindasaus (en dat is heel veel!).
  • 90 broodjes voor de Maandagavondband, rijk belegd met ham kaas en worst.
  • De ruim 3 kilo drop van Diny naschte men weg alsof het niks was.
  • Een bananencake met chocolade en kokos, een ovenbladgrote vruchtenvlaai met kruimel en een batterij cakejes van Maartje. (Een flink deel van de cakejes werd ontvreemd door armlastige studenten en schielijk afgevoerd naar d’r lui vrijgezellenkamertjes boven de Grote Rivieren, enfin…)
  • Bij de hoeveelheden brood en beleg ben ik definitief de tel kwijtgeraakt.
  • Ruim 1 kilo roomboter verdween als sneeuw voor de zon (de broodeter wil ook wat…). Het kuipje margarine dat ik voor de (infame) liefhebber aanschafte staat nu, ruim tien dagen later ongeopend in mijn keukenkastje. Wie het hebben wil komt het maar halen…
  • En ook 1 kilo zure zult van Hijn was geen lang leven beschoren.
  • Voor 49 gekookte eieren (en een enkel gebakken exemplaar) draaide men z’n hand niet om.
  • Ik vergeet nog enkele zaken, ik ben ervan overtuigd, maar het wil me nu niet te binnen schieten.
  • Dranken in overvloed: een badkuip Bavariapils, rode wijn uit Italië, witte uit Frankrijk. Bieren uit België en borrels uit Schiedam. Fijne spiritualiën uit Schotland, Spanje en Venezuela. Minder fijne spiritualiën uit Friesland en Rusland, en zo nu en dan een glaasje ranja. Een enkele Spa schonken we ook. En containers koffie en sloten thee…

Nou ja, dat was het wel zo’n beetje. Het merendeel van de foto’s is intussen op onze foto-site geplaatst. Je vind ze hier : Flickr, Ellen Bouckaert

Hoogste tijd om weer eens over gewoon eten te schrijven, vindt je ook niet?

© paul

Het Feest der Feesten nam aanvang…

 

statiefoto bij ons nieuwe huis

Zoals je ziet is de ZKB (Zwarte Kabouter Bende) intussen weer op volle sterkte. Het jongste lid telt twee jaren levenservaring, het oudste lid is de zestig allang gepasseerd. En tussen die twee uitersten kun je alles van je gading vinden. Welkom bij Carnaval jaargang 2017.

Het moest geruime tijd duren voordat je weer een levensteken van ons zag op deze website. We zouden ons kunnen verschuilen achter de gedachte dat er een hoop voorbereidingen dienden te worden gedaan om vlekkeloos het Carnaval in te schuiven, maar dat is niet eerlijk. We waren er eigenlijk allang klaar voor. Van schrijven kwam gewoon even niets. Daarover zaten we ons een tijdje gepast te schamen en ging vervolgens over tot de orde van de dag…

De tijden dat het Feest der Feesten voor ons zijn aanvang nam op donderdag en eindigde op Aswoensdag ‘s weeks daarop, die tijden liggen achter ons. De leeftijd en gezondheid gebieden een matiger invulling van het Feest. We beperken ons nu tot vijf dagen.

Gisteren ving het dan écht aan, en wel met een bijzonder evenement. Terry werd zestig en zijn geliefde organiseerde een weergaloos feest voor hem. De ZKB maakte er haar (zijn?) opwachting en ook het Heintje Davidscollectief trad in vol en volledig ornaat aan. En verder waren er een hele bubs familie, goede vrienden en vage kennissen.

Of het nou zo’n gelukkige keuze was om dat 60jarig jubileum te vieren op de eerste avond van het Carnaval, daarover waren de meningen verdeeld. Voor de ZKB was het in ieder geval een gelegenheid om mensen te ontmoeten, liederen te zingen, lol te maken en in te drinken voor de slemptocht later die avond. Karin en Terry, bedankt… Het was een mooi feest.

Na afscheid te hebben genomen van de zestigjarige jubilaris begon het Carnaval dan echt. We trokken het dorp in en deden ons ding op de bekende afwerkplekken. Van het Bejaardencentrum naar de Keizer, en dan via het Ridderhof naar de Engelenburght. In de meeste gevallen werden we verwacht.

De ZKB huldigde haar tradities maar liet zich er niet door verstikken. Er diende zich elk kwartier wel een kantelpunt aan in de vooraf bepaalde conventies van de groep. Hoogtepunten vormden de huilaria van Neel bij de Laotbloeiers en een weergaloos optreden van Toon op het bugeltje.

Enfin, ik wilde je nog meer vertellen, maar de eerste gasten druppelen binnen en daarmee is het uit met de rust en relatieve stilte in dit huis. Mijn concentratie ontglipt me en ik tikt vortdudent faautennn… Ik stop ermee!

Zo meteen trekt de Grote Optocht voorbij. Het huis zal dan weer bomvol zitten met gasten, voornamelijk kabouters, en wanneer de laatste praalwagen zijn achterkant laat zien trekt de ZKB er weer op uit.

Je hoort nog van ons lezer…

© paul

Broccolipuree met kaas uit de oven…

IMG_1377Het blijft een prachtig groentegerecht waarmee je elke gast aan je tafel verrast. Het is een doodeenvoudige bereiding en op zich ook een heel logische manier van verwerken, maar vreemd genoeg doet nagenoeg niemand het. En het is nog eens erg lekker ook.

Maak van een stronk broccoli de roosjes vrij door een groot deel van de harde stukken te verwijderen. Breng een pan gezouten water aan de kook en laat daarin de broccoliroosjes blancheren. Dat gaat vrij snel, blijf er dus even bij. De broccoli hoeft niet helemaal gaar te zijn. Giet de broccoli af en overspoel met koud water om het garen te stoppen. Dat is belangrijk om de kleur te bewaren en het komt je puree ten goede. Doe vervolgens de roosjes over in een blender of in de mengkom van je staafmixer. Voeg een ferme scheut room toe, flink peper uit de molen, een klein snuifje zout en wat vers geraspte nootmuskaat. Pureer het geheel tot een gladde massa. Je bent klaar. Indien de puree niet teveel is afgekoeld zou je hem zo op tafel kunnen brengen. Wenselijker is het om de puree te verwarmen op een zacht vuurtje of in de oven. Je kunt de puree eventueel in voren maken.

Het verhaal hierboven beschrijft de puree in een heel simpele vorm. Maar je kunt natuurlijk allerhande smaakmakers toevoegen, geheel naar je eigen goesting. Ik gebruik wel eens olijfolie in plaats van room (of beiden). Zachte kaas doormengen levert ook heerlijks op en combinaties met andere groenten zijn heel goed denkbaar. IMG_1370

Vandaag dekte ik de puree af met een rauwmelkse koeienkaas uit Normandië waarna ik het gerecht ongeveer 20 minuten liet gratineren bij een temperatuur van 180 graden (hete lucht).

We aten er een schoteltje bij van kabeljauw met spekjes en paddenstoelen. En een heel fijn aardappeltje. Daarbij dient opgemerkt dat Ellen het geheel een bombardement van smaken vond, en uiteindelijk te overdadig. De afzonderlijke gerechten waren prima, maar te samen gaf het haar teveel spektakel. Mogelijk een terechte opmerking, maar ik vond het prima zo.

Wat ook prima was, was de wijn. Een witte Bourgogne, uit het uiterste zuiden van dat departement: Saint-Véran AOC, jaargang 2015, van het wijnhuis Antonin Rodet. Man-oh-man…

Morgen beschrijf ik de kabeljauw…

© paul

Nederland is vol… met gastvrije mensen die vluchtelingen een warm hart toedragen.

tram
Een aantal weken slingerde het Ministerie van Eten en Drinken zich piepend en knarsend door de hoofdstad Amsterdam. Kijk naar op de foto linksboven. Rechts aan de bovenkant van het rode lampje kun je ons vinden. (Ellen staat aan de andere kant van de lamp.)

Het zit zo: vorig jaar riep Vluchtelingenwerk Nederland op om tegen een geringe geldelijke vergoeding je naam te laten plaatsen op een tram. De slogan heette: Nederland is vol… met  gastvrije mensen die vluchtelingen een warm hart toedragen. En door je deelname gaf je in ieder geval blijk van je afkeuring van al het gehurk en gehork van een deel van je landgenoten die grenzen wilden sluiten, torenhoge muren wilden bouwen en ons kikkerland wilden behoeden voor een andere kleur dan blank (zelfs wanneer het leven van vluchtelingen letterlijk aan een zijden draadje hing…). Enfin.

Het was de bedoeling dat die tram (of twee) rond Prinsjesdag door Den Haag zou gaan toeren, maar om een of andere reden was de stad waar onze regering zetelt niet van die actie gediend. Het zal wel met politiek te maken hebben, de Hagenezen die ik persoonlijk ken zijn de gastvrijheid zelve…

Gelukkig was dan nog Rotterdam, en zo ook onze hoofdstad Amsterdam. En al is het volk daar in die metropolen in de optiek van de rest van Nederland tamelijk overtuigd van hullie suprematie, ze zijn ook gul, vriendelijk en gastvrij. Noodgedwongen, maar uiteindelijk naar ieders tevredenheid, week Vluchtelingenwerk uit naar die twee steden.

En zo hobbelde dan het Ministerie een aantal weken door de hoofdstad. Prominent geposteerd tussen al dat andere gastvrije volk op de flank van Tram 1. De foto kregen we toegestuurd door Vluchtelingenwerk, waarvoor onze dank…

© paul

Glazenhuis Lommel…

Marine Group (2014)Een beetje ongericht rommelen op het internet bracht me bij toeval op een Vlaamse site. Het ging er over een Glasmuseum in de Belgische Kempen, zo ongeveer bij ons om de hoek. Tot mijn schande moest ik bekennen dat ik er nog nooit van had gehoord. Enfin, dat is intussen wel anders…

Sinds 2007 staat er een deels uit glas opgetrokken gebouw in het centrum van het Kempisch stadje Lommel: het enig echte Glazenhuis. Het is een museum en herbergt het Vlaams Centrum voor Hedendaagse Glaskunst. In het gebouw is een expositieruimte waar tentoonstellingen worden ingericht rond het thema glas; modern design, kunstglas, maar ook gebruiksgoed. Ook zijn er ateliers waar elke dag zowel professionele ontwerpers alsook kunst- en designsstudenten hun glas blazen. Je kunt ze vanuit het museum aan het werk zien. Verder verzorgt het museum educatieve programma’s, zijn er workshops en is er een kleine, gespecialiseerde bibliotheek. In de museumwinkel kun je tegen heel redelijke prijzen modern glaswerk uit eigen ateliers kopen. 18-part Nest Collection...

We bezochten het museum in oktober van het vorig jaar. Er liep, en loopt nog steeds, een expositie van modern Deens kunst- en designglaswerk. Een stuk of vijftien glaskunstenaars tonen hun kunnen. Deels is het een feest van herkenning; de vormgeving grijpt terug naar het modernisme van het eind van de vorige eeuw. Maar dan doorontwikkeld met beeldtaal van nu. Maar ook volkomen andere paden worden betreden.

De kopfoto toont werk van Steffen Dam. Het ziet eruit als een biologisch rariteitenkabinet. Allerhande maritieme wezentjes die in reageerbuisjes worden bewaard om de wetenschap te dienen of de natuurliefhebber te plezieren, lijkt het. Het is fragiel van aard en subtiel van kleur. Maar die beestjes bestaan helemaal niet, het is allemaal glas. Het is allemaal ontsproten aan de verbeeldingskracht van de kunstenaar, Steffen Dam is een beetje god. Zo verschrikkelijk knap gemaakt, zo effectief van beeld. We waren geschokt…

De andere foto toont werk van Tobias Mohl. Geblazen glazen kommen met elk een patroon van filigraan achtige versieringen. En zijn de kommen afzonderlijk al wonderschoon, het totaal is er een veelvoud van. Allemaal unica’s, allemaal verschillend, samen één groot beeld…

Enfin,.. dat je dat museum moet bezoeken moge duidelijk zijn. Het is een klein museum, maar het heeft voldoende te bieden om je er een paar uur te vermaken. Ook voor de kinders. De tentoonstelling van de Denen loopt nog tot 17 april. En ach, streekgenoten: Lommel ligt toch bij ons om de hoek. Bij Valkenswaard linksaf en je bent er al…

(Zie: Glazenhuis, Vlaams Centrum voor Hedendaagse Glaskunst.)

© paul

Gestoofd lamsvlees met olijven…

Gestoofd lam met olijven...Sinds Ellen het gerecht ontdekte, begin 2015, heeft ze het een aantal keren klaargemaakt. De receptuur komt oorspronkelijk uit het onvolprezen De Smaken van Italië van Claudia Roden. Het is zo’n typisch recept dat op zich helemaal klopt, maar dat je uitnodigt om elke keer weer een kleine variatie aan te brengen in het oorspronkelijk concept. Ellen deed dat een aantal keren door te variëren met vlees, met ingrediënten en met verhoudingen. Het leverde steevast een lekker gerecht op.

Ik wilde het recept ook wel eens op tafel brengen, maar ik zou me strikt houden aan de receptuur en bereiding van Mevrouw Roden. Nou ja, helemaal lukte dat natuurlijk niet. Enfin, ik geef je het gerecht zoals ik het klaarmaakte. Voor twee personen is het ruim voldoende, je zult er zelfs wat aan overhouden…

  • 500 gram lamsvlees (ontbot boutvlees of schouder),
  • klein beetje bloem.
  • 4 eetlepels olijfolie,
  • 1 grote ui,
  • 1 rode peper,
  • 2 tenen knoflook,
  • 100 gram zwarte olijven,
  • 1 deciliter witte wijn.
  • peper en zout uit de molen.

Snijd het vlees in flinke dobbelstenen, bestuif die lichtjes met bloem en bak ze vervolgens in een stevige stoofpan aan alle kanten bruin. Hak de ui, de knoflook en de rode peper (ontdaan van zaad en zaadlijsten) tot pulp. Haal het vlees uit de pan en zet het apart. Bak in dezelfde pan nu de groentepulp, onder voortdurend roeren, tot alles goudgeel en glazig begint te worden. Doe de wijn erbij en laat het geheel een minuut of vijf doorkoken. Schraap ondertussen met een houten lepel de aanbaksels van de bodem van de pan, die geven extra smaak en binding. Doe vervolgens het vlees terug in de pan en ook de olijven. Laat het gerecht met de deksel op de pan stoven tot het lamsvlees botermals is, dat is in een krap uur. Houd het vocht in de pan in de gaten. Het is de bedoeling dat de saus dik en gebonden is, maar bij te weinig vocht zal de zaak verbranden.

Aardappelpuree is een uitstekende begeleider. Een kleine salade completeert de maaltijd.

(Zie ook: Lamsschenkels met zwarte olijven: een variant op…)

© paul

Zoals moeder kookte…

Porkölt (goulasch)...

Jij hebt ongetwijfeld ook die ervaring: dat ene gerecht van je moeder, waarvan jij de receptuur heel zorgvuldig noteerde en dat je minutieus nakookt, smaakt altijd anders dan wanneer je moeder het klaarmaakte. En hoe je ook je best doet, het lukt je eenvoudigweg nooit om die unieke smaak uit je jeugd terug te halen…

Een paar verklaringen zijn daarvoor wel te bedenken. Op de eerste plaats zou je bij je falend geheugen te rade moeten gaan. Verdichtung is geen uitzondering, het is juist regel. Je geheugen verdicht je herinneringen tot een bruikbaar concept, een concept waar je de rest van je leven mee vooruit kan. Dat daarbij de waarheid of werkelijkheid geweld wordt aangedaan zal je geheugen een worst wezen; alles voor de bruikbaarheid.

Iets wat in de buurt komt van Verdichtung is nostalgie. Je wilt je iets anders herinneren dan er in werkelijkheid was; je wilt die beschermde wereld van je kindheid terug, de warmte van het ouderlijk nest, het eenvoudige en eenduidige wereldbeeld van toen. En daarbij horen de geuren en smaken uit je moeders keuken. Maar dan wél in de kontekst van je verlangen. (En zo ben je weer terug bij Verdichtung…)

Een reden van meer technische aard is de veranderde kwaliteit van producten. Tomaten smaken heden ten dag anders dan vijftig jaar geleden. En dat geldt voor een hele boel andere groenten ook, en ook voor het merendeel van het vlees en voor de vetstoffen die je gebruikt.

Ach, er valt op mijn redeneringen heus wel een en ander af te dingen, ik weet het. En er zullen best nog andere verklaringen voor het fenomeen denkbaar zijn. Feit blijft dat iedereen er wel eens mee te maken krijgt en dat niemand, bij mijn weten, een afdoende oplossing heeft voor het debacle. Enfin, genoeg gefilosofeerd op een late zondagmiddag. Hoewel…

Ik schenk me een glas Laphroaig in, die voortreffelijke Whisky van dat eiland voor de Westkust van Schotland (Island of Islay, hoofdstad Port Ellen). Die whisky met z’n geur van jodium en verbrande turf, z’n teer- en fenolsmaak, ziltig en een tikkeltje zoet. Die whisky die sommige drinkers hemels vinden en andere het grootst denkbare bocht. (Ik behoor tot de eerste categorie, dat mag duidelijk wezen.)

Ik word altijd wat bedachtzaam, wat beschouwend, wat stilletjes van die drank. (Tot ik natuurlijk aan mijn zoveelste glas nip: dan ga ik praten. Tegen die tijd lezer, zoek je maar een ander tafeltje.) Enfin…

Gegroet lezer, het Ministerie sluit haar burelen. Vergeet niet vanavond naar Tatort te kijken.

(Lees ook: Landlord of Islay…)

© paul