Lasagne voor 8 personen

lasanga

Je hebt nog wat recepten tegoed beste lezer. Het was hier in het weekend zo druk dat er van schrijven niet veel terecht kwam terwijl er toch een aantal gerechten zeker beschreven moeten worden, zoals deze Zaterdagse Lasagne bijvoorbeeld; makkelijk te maken en genoeg voor een flink gezelschap. Op zaterdag is het hier ‘bezoekdag’, Het Kind, vriend Andy, De Jongste Bediende en vriendin Marleen en niet te vergeten de Keizer van Monera en wie er zoal nog meer even langskomt. We kletsen wat, we borrelen wat en een hapje eten is altijd welkom. Voor mij leuk om ideeën voor meer dan twee personen uit te proberen. Deze zaterdagse maaltijd moet niet te ingewikkeld zijn, niet te duur en aan te passen voor het aantal personen dat te gast is. Zaterdag was ik van plan om een soort Hachis Parmentier te maken met raapsteeltjes maar op de Helmondse markt waar we de boodschappen deden was het zo snijdend koud dat ik de helft van de boodschappen vergeten ben. Het is kermis in Helmond, dat betekent dat de kermis opgebouwd wordt op de plaats waar de markkooplieden normaal staan. Zij moeten dan verhuizen naar de weg langs het kanaal. Ik had oprecht medelijden met de marktmensen; ze stonden daar in de snijdende wind, zonder enige bescherming, brrr. Wij waren in ieder geval zo weer thuis, zonder raapsteeltjes. Dan maar iets zonnigs op tafel, we kunnen wel erwtensoep blijven eten… Lasagne met verse spinazie.

lasanga

  • voor de bechamelsaus
  • 60 gram boter
  • 40 gram bloem
  • ongeveer 500 ml melk
  • nootmuskaat, peper en zout.

Smelt de boter in een kleine pan. Voeg de bloem in een keer toe en roer goed tot de bloem loslaat van de bodem. Voeg er dan de melk met beetjes tegelijk bij en roer tot je een gladde saus hebt. kook even zachtjes door en breng op smaak met peper, nootmuskaat en zout.

  • Voor de vulling
  • 1 kilo verse spinazie
  • 2 uien en 4 teentjes knoflook, fijngesneden
  • 1 kilo gehakt, half om half
  • 3 blikken tomatenstukjes
  • 300 gram lasagne (De Cecco no 112)
  • 200 gram Parmezaanse kaas (of een mengsel van oude Goudse en Parmezaan) geraspt
  • een bolletje buffelmozzarella
  • olijfolie, peper, zout nootmuskaat

Ik had geen zin om zelf lasagne te maken; op zich niet veel werk maar ik koos voor een keertje makkelijk en kocht De Cecco no 112. Mooie dunne vellen die je niet eerst vóór hoeft te koken. Ik gebruikte een bakblik van 39x28x5cm, daar paste alles precies in.

Bak de spinazie in een heel klein beetje olie met een deel van de knoflook en uien tot het geslonken is. Hak de spinazie grof. Giet de bechamelsaus in het bakblik en strooi er wat kaas over. Beleg met een laag lasagnevellen. Bak het gehakt los met de rest van de uien en knoflook. Schep de spinazie op de lasagnevellen en verdeel de helft van het gehakt hierover. Leg hierop weer een laag lasagnevellen. Voeg bij het overgebleven gehakt de tomatenstukjes en kook in tot een mooie saus. Schep de helft van de saus op de lasagnevellen en strooi er met gulle hand kaas over. Leg nog een laag lasagnevellen en bedek die met de rest van de tomatensaus. Leg daarop de mozzarella die je in kleine stukjes verdeelt. Strooi er de rest van de kaas over en zet de schaal 24 minuten in een warme oven (180 graden) .

Geef er een groene salade bij. Genoeg voor 6 tot 8 personen.

Kopje espresso toe.

© ellen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eindelijk: Zelfgemaakte Zuurkool!!!


Eindelijk, daar is ie dan; De zuurkoolfilm! Je hebt er lang op moeten wachten beste lezer. Eigenlijk net zo lang als het hele fermentatieproces duurde. Een stukje schrijven, en er een foto bij maken, dat lukt ons nog wel, maar een hele film… We hadden het zwaar onderschat. De opnamen zijn gemaakt door Vriend Jan. Dat ging zonder problemen. Het was vooral het monteren en omzetten van de bestanden wat de nodige problemen opleverde. Echt perfect is het filmpje niet, natuurlijk niet, het kan allemaal beter. Maar we hebben ervan geleerd; de volgende film, jazeker die kómt er, zal beslist een strakker scenario krijgen. Minder geklets en meer doeltreffender informatie en wellicht heb jij beste lezer ook nog tips en trucs die we kunnen gebruiken. Maar toch “De Zuurkoolfilm”.

Over de zuurkool zelf kan ik kort zijn; we hebben een eerste portie geproefd en het smaakte ons prima! Je kunt de zuurkool rauw eten, maar even stoven met een smaakje erbij is nog lekkerder. We voegden bewust deze eerste keer alleen zwarte peper als extra smaakmaker toe. Als je de zuurkool dan gaat stoven voeg je bijvoorbeeld witte wijn, kummel, komijn of bedenk maar wat toe. Je kunt ook de hele pot een smaakje geven maar dan heb je meteen een hele pot vol met dezelfde smaak.

We hielden het dus bewust zo simpel mogelijk. We schreven al over wat je nodig hebt om zelf zuurkool te maken:

  • Een zuurkoolpot met waterslot van 3 liter inhoud
  • 3000 gram witte kool; het buitenste blad verwijderen. Een paar mooie bladeren voor onder in de pot heel laten, de rest fijn snijden
  • 40 gram zout
  • 2 eetlepels zwarte peperkorrels.

De koolbladeren onder in de schoongemaakte pot leggen. Daarop de gesneden kool met telkens wat zout ertussen en wat peperkorrels. De kool goed aanstampen tot er vocht loskomt. Afsluiten met wat schone koolbladeren. De stenen erop en goed aandrukken. Dan de deksel erop en water in de rand gieten zodat alles goed afgesloten is. De pot een week op kamertemperatuur laten staan. Je hoort af en toe een luchtbelletje uit het water ontsnappen. Na die week zet je de pot op een plek met een lagere temperatuur. Zo moet de kool in totaal zes weken fermenteren. Dan is de zuurkool klaar voor gebruik. Haal de aandruksteen uit de pot en schep er telkens een portie zuurkool uit. Giet schoon water in de rand en sluit de pot tot de volgende keer. Bewaar de zuurkool koel.

© ellen.

 

Verse artisjokken met aardappeltjes en erwtjes

 

verse artisjokken met aardappeltjes en erwtjes
Zaterdag lagen er op de Helmondse markt bosjes verse artisjokken. Van die mooie uit Zuid Spanje… ik kon de verleiding niet weerstaan! Zomaar tussen alle knollen, kolen en rapen zo’n bosje lente-eten… Ik maakte vandaag een stoofpotje met de artisjokken, wat ui, knoflook en wat diepvrieserwtjes. Een bijna-lente-schoteltje!

Voor twee personen

  • 1 bosje kleine artisjokken
  • sap van 1 citroen
  • 300 gram aardappelen, geschild en in stukjes gesneden
  • 1 sjalotten fijn gesneden
  • 2 teentjes verse knoflook, geplet en fijngehakt
  • 2 eetlepels  platte peterselie, fijngehakt
  • 2 eetlepels erwtjes (diepvries, jammer verse erwtjes is echt nog geen optie)
  • zwarte peper en zout
  • 4 eetlepels olijfolie

bosje artisjokken

Pers de citroen uit en giet het sap met water in een schaal. Maak de artisjokjes schoon. Verwijder de buitenste blaadjes. Snijd ze dan in vieren en knip de bovenste randjes eraf. Leg de partjes meteen in het citroenwater anders verkleuren ze. Schil de steeltjes en snijd die in stukjes. Gebruik een stoofpan met een dikke bodem en verhit daarin de olijfolie. Smoor de uitjes op een zacht vuurtje glazig. Doe de knoflook erbij en smoor die ook even mee. Doe er dan de aardappelstukjes, de artisjokkenpartjes, de steeltjes, zout peper en peterselie bij en bak alles zachtjes aan. Schep een aantal keren om en om. Voeg dan wat water toe en zet het vuur zo dat alles zachtjes pruttelt en leg de deksel op de pan. Reken op ongeveer 30 minuten stooftijd. Voeg na ongeveer 25 minuten de diepvrieserwtjes toe.
Erbij vandaag een mooie rib-eye, even snel om en om gebakken, laten rusten en opdienen… Heerlijk.
Kopje espresso toe!
© ellen.

 

Mootje zalm en broccolisaus met mierikswortel

zalm met broccolisaus
Ik dacht nog voor ik aan het bereiden van deze maaltijd begon om eens te kijken hoeveel tijd ik ervoor nodig zou hebben. Al doende vergat ik het weer… Iedereen lijkt wel besmet met het Jamie-15-minuten-virus! Inclusief ikzelf. Stom! Wat zou ik nou willen bewijzen? Stom, toch waarschijnlijk hetzelfde als die Jamie. Eerlijk gezegd heb ik een hekel aan dat opgeklopte gedoe; rennen en vliegen door de keuken, brr. Anderzijds ben ik het wel met die Jamie eens dat een smakelijke gezonde maaltijd op tafel zetten echt niet zoveel tijd kost. Maar goed, geen stopwatch gezet, geen 15 minutenrecept van Jamie, en toch snel, eenvoudig, gezond en smakelijk: Een mootje zalm met puree van broccoli en wat gebakken aardappeltjes.

Broccoli is een heel veelzijdige groente, je kunt er van alles mee doen; door de pasta, gewoon gekookt, gestoomd, als salade, noem maar op. Ik vind het ook een lekkere groente maar Paul hoefde even niet meer… Het was dus alweer een tijdje geleden dat er hier nog broccoli op tafel stond. Toch maar weer eens, voor de broodnodige variatie, maar dan als een zachte zalvende puree.

Broccolisaus: 500 gram broccoli, dikke stelen verwijderen en de roosjes in kleine struikjes verdelen. Een pan water met zout aan de kook brengen en de broccoli daarin zo’n 6 minuten laten koken. Afgieten en goed uit laten lekken. Stort de broccoli terug in de pan en meng er wat nootmuskaat, een lepel mierikswortel en een klein bekertje crème fraiche door. Meng met de staafmixer alles tot een mooie gladde saus.

De zalmmootjes

Wrijf de zalmmoten intussen in met peper en zout en haal ze even door wat bloem. Er mag bijna geen bloem aan de vis blijven plakken; een filmpje bloem is genoeg. Bak de mootjes in arachideolie ongeveer 5 minuten aan beide kanten. Haal ze uit de pan en laat ze even uitlekken op keukenpapier. serveer met een partje citroen.

Aardappeltjes waren nog over, even bakken en mooi bruin laten worden. En prima maaltijd, weinig poespas, weinig tijd!

Kopje espresso toe!

© ellen.

 

 

Cannelliniboontjes maar niet uit een potje…

cannelinniboontjes
Ik beschreef een paar weken geleden al een maaltijd met cannelliniboontjes maar dat was een simpel recept met cannelliniboontjes uit blik. Prima als je weinig tijd hebt. Maar er gaat toch eigenlijk niets boven zelfgeweekte en -gekookte boontjes en dan heb je opeens ook keus uit heel veel meer soorten bonen dan de supermarkt in blik aan kan bieden. Voor de cassoulet die ik pas maakte wist ik niet goed welke bonen te kiezen, ik zocht op de website van de Gezonde Apotheker en bedacht dat cannelliniboontjes wel het meeste overeen kwamen met de bonen die men in Zuid Frankrijk voor de cassoulet gebruikt. Toen de boontjes stipt twee werkdagen later geleverd werden begon ik toch te twijfelen en vroeg raad bij de schrijver van het recept, Onno Kleyn. Hij adviseerde Noord-Hollandse Krombekken. Die kenden we al; prima bonen. Aldus plaatste ik nog een bestelling voor Krombekken, en die Krombekken gebruikte ik ook voor de cassoulet. Bleef dus over een pond Cannelliniboontjes; niets mis mee, die komen hier wel op! Het enige nadeel van gedroogde bonen is dat je er op tijd aan moet denken om ze in de week te zetten. Minstens 10 uur weken is wel aanbevolen. Plannen dus als je lekkere boontjes wilt eten!

Ik maakte vandaag een simpele maaltijd met de cannelliniboontjes, chorizo en wat groenten. Voor ons twee was deze hoeveelheid veel teveel, de rest verwerken we morgen tot soep.

  • 300 gram droge cannelliniboontjes; wassen en in een schaal met ruim koud water zeker 10 uur laten weken
  • 1 hele ui
  • 4 tenen knoflook, gepeld
  • 1 laurierblad
  • water
  • 100 gram chorizo, in blokjes gesneden
  • 1 flinke wortel, in blokjes gesneden
  • 2 stengels bleekselderij, in stukjes gesneden
  • olijfolie, peper en zout en wat vers gehakte peterselie

Giet het weekwater van de boontjes en zet ze met de ui en het laurierblad, op met ruim koud water. Breng zachtjes aan de kook en laat de boontjes dan in ongeveer één uur garen. Als de boontjes bijna gaar zijn, schep je de ui en het laurierblad uit de pan. Voeg de chorizo en de groenten toe. Breng op smaak met peper en zout  en laat de groenten even meegaren. Schep alles voorzichtig uit de pan en schik in een mooie schaal. giet er wat olijfolie over en bestrooi met peterselie. Geef er een salade bij van ruccolla en tomaatjes en een stuk knapperig brood.
cannelliniboontjes

*) De chorizo die ik gebruikte was teleurstellend; weinig smaak, te hard, jammer. Koop de lekkerste die je kunt vinden!

*) Ik kookte de boontjes niet in water maar in ongezouten bouillon (ik had nog een flinke pan staan en wist zo gauw niet wat ermee te doen) Het leek me dat de boontjes hierdoor een extra volle smaak kregen.

Kopje espresso toe!

 

 

Ovenschoteltje met gestoofde prei, aardappelpuree en kabeljauw

visschoteltje
Het blijft maar winter; ik heb eigenlijk geen hekel aan winter, als het koud is doe je wat extra kleding aan en niets aan de hand. Maar het heeft nu voor mij zelfs lang genoeg geduurd. Ik verlang ernaar om in de tuin te zitten, een beetje in de grond te peuteren en de uitschietende planten te bekijken. Helaas, nog even niet. Toch kan het soms wel, deze foto vond ik toevallig terug, blog van 9 februari 2008. Nou ja, niet zeuren, ooit wordt het lente en tot die tijd troosten we ons met mooi winters eten; troosteten

  • Voor vier personen
  • 1 kilo kruimige aardappelen. Schil de aardappelen, kook ze gaar en maak er met de knijper puree van.
  • 500 gram gefileerde vis in hapklare stukjes (bijvoorbeeld kabeljauw, gekweekte uit Schotland) of andere filets of raadpleeg de viswijzer voor meer info over Goede Vis).
  • 2 kleine preien, in ringen gesneden
  • witte wijn
  • wat boter

Verwarm de boter en stoof daarin de prei even aan. Giet er de witte wijn over en stoof tot de prei zacht is.

  • Maak een mosterdsaus van :
    • 1 lepel boter
    • 1/2 zeer fijn gesneden uitje
    • 1 lepel bloem
    • 2 eetlepels grove mosterd
    • ruim 1/2 liter bouillon
    • flinke scheut room, peper en zout

    Smelt de boter in een sauspan. Fruit de ui hierin aan. Voeg de bloem toe en roer alles tot een mooie massa, laat dat zo even zachtjes garen. Voeg dan de mosterd toe, goed roeren en dan de bouillon erbij voegen. Blijf roeren tot je een homogene massa hebt. Maak op smaak met peper en zout en voeg nog wat room toe.

    Verwarm de oven op 200 graden. Schik de aardappelpuree in een vuurvaste schaal maar houd het midden vrij. Leg in midden de preiringen en giet daarop wat mosterdsaus. Leg hierop de stukjes rauwe kabeljauw. Schenk er nog wat mosterdsaus over tot de vis helemaal bedekt is en zet de schaal 25 minuten in de voorverwarmde oven op 200 graden. Strooi er nog wat versgehakte lente-ui en peterselie over en dien op met een flinke groene salade.

Kopje espresso toe, met een paaseitje (hmm paaseitje gevuld met bloedsinaasappel kaneel, mooie combinatie!)

© ellen.

 

Chocoladetaart

chocoladetaart
Toen ik vrijdag thuiskwam van mijn werk lag er zomaar een cadeautje op tafel: Het nieuwste boek van Mevrouw Claudia Roden “De smaken van Spanje”. Een heerlijk boek, ik ben er heel blij mee. Ik heb nog weinig tijd gehad om er echt in te lezen maar bij het doorbladeren viel mijn oog op een chocoladetaart met amandelen. Die leek me perfect om onze zaterdagse maaltijd mee af te sluiten.

  • je hebt een springvorm nodig van 23 cm, beboterd en met bloem bestoven.
  • 150 gram pure chocolade
  • 3 eetlepels water
  • 150 gram boter in stukjes
  • 4 grote eieren, gesplitst
  • 100 gram fijne suiker
  • 100 gram gemalen amandelen
  • 1 theelepel bakpoeder
  • 4 eetlepels rum
  • boter en bloem voor de vorm

Verwarm de chocolade met het water au bain Marie. Voeg de klontjes boter toe als de chocolade bijna gesmolten is en laat alles helemaal smelten. Meng in een grote kom de dooiers met de suiker, het bakpoeder de gemalen amandelen en de rum. Roer het chocolademengsel erdoor. Klop de eiwitten stijf en spatel dat voorzichtig door de massa. Giet het beslag in de springvorm en bak de taart in een voorverwarmde oven op 160 graden in ongeveer 40 minuten gaar. Laat de taart afkoelen en haal hem uit de vorm. Mevrouw Roden maakt de taart af met chocoladeglazuur. Ik had gisteren niet genoeg chocolade meer in huis, dus aten wij de taart zonder glazuur, met een flinke klodder room. Als je glazuur op de taart wil neem dan

  • 50 gram pure chocolade in stukjes
  • 2 eetlepels water
  • 50 gram fijne suiker
  • 25 gram boter.

Dat alles even au bain Marie smelten, goed roeren en er dan de taart mee bestrijken.

Kopje espresso erbij en je hebt een heerlijk dessert.
nieuw boek

Zo en nu ga ik in mijn nieuwe boek lezen. Je hoort er nog van lezer!

© ellen.

 

over Paardenbiefstuk en geklaarde boter…

paardenbiefstukje
Wij eten regelmatig een biefstukje, geen reden om daarover te schrijven vind ik. Gewoon mooi stukje vlees kopen, bakken, laten rusten en klaar. Lijkt zo eenvoudig dat er weinig over te schrijven valt. Maar zo simpel is het eigenlijk ook weer niet; biefstuk van wat/welk dier? Welke vetstof (ik noem het maar even geen boter) hoelang bakken? En wat is nu eigenlijk ‘geklaarde boter’?

Goed! Al voor de grote discussie in de media losbarstte over de pakjes-en-zakjesvullers die paardenvlees verwerkten in plaats van rundvlees en daar niet eerlijk over etiketteerden, mochten wij graag af en toe paardenvlees nuttigen. Wij vinden het smakelijk en het is bovendien niet afkomstig van dieren die in megastallen volgeperst worden met enge medicijnen en vies voer.  De meeste paarden die ter slacht aangeboden worden hebben een aangenaam leven gehad. Bovendien is paardenvlees gezond; minder vet, meer eiwitten en ijzer. We schreven er ook zo af en toe al eens over; lees bijvoorbeeld nog eens het artikel over de Christelijke spijswetten van Paul of het artikel over perfecte paardengoulash. Wij vinden paardenvlees dus prima maar ik kan me ook voorstellen dat mensen uit principe absoluut niets willen eten van dit dier. Ik weet dat onze vriendin Marleen alleen het idee al om paardenvlees ergens in aan te treffen walgelijk vindt. Ik zal dus nooit iemand zomaar een schotel voorzetten waarin ik paardenvlees heb verwerkt! Ik vind dat je daarover eerlijk moet zijn. De pakjes-en-zakjes-vullers hebben minder respect, zij verkopen letterlijk knollen voor citroenen. Jammer! Maar ook alweer een goede reden om geen pakjes en zakjes te kopen!

Soit over het al dan niet eten van paard, maar als je dan een paardenbiefstuk bakt, doe het dan goed; niet in de croma of andersoortige enge bakmiddelen. Neem  gewoon echte boter! Geklaarde boter!
 geklaarde boter
Dit is geklaarde boter, boter klaren
en dit is het schuim dat je van de boter moet afscheppen. Dat gaat als volgt; neem een flink stuk boter en verwarm dat heel zachtjes in een pannetje. Niet bruin laten worden, alleen héél zachtjes verwarmen. Je ziet dat er dan, afhankelijk van de kwaliteit van de boter, veel of weinig, wit eiwitachtig schuim komt bovendrijven. Schep dat schuim er voorzichtig af. Wat je overhoud is een mooie heldere substantie; dat is geklaarde boter. Je kunt de geklaarde boter afgedekt in de koelkast bewaren. Gebruik er steeds een beetje van om mooie stukjes vlees in te bakken.

Ik bak niet alles in geklaarde boter, heel vaak gebruik ik olijfolie en soms zonnebloem- of arachideolie maar af en toe een mooie biefstuk of een varkenshaasje in de boter bakken is toch wel heel lekker.

Zo ook vanavond de paardenbiefstuk. Laat het vlees op kamertemperatuur komen, dep het droog en wrijf het in met peper en grof zeezout. Verhit de geklaarde boter en bak de biefstukjes daarin ongeveer twee minuten aan beide kanten. Zet de pan met de biefstukjes drie minuten in de oven. Haal het vlees uit de pan en laat het vlees nog even rusten onder aluminiumfolie. Wij aten er gebakken aardappeltjes bij en witlof met kaas uit de oven.

Kopje espresso toe!

© ellen

Flammenkueche

flammenkeuche
Gisteren een echte zaterdagmaaltijd, Flammenkueche! Een ideaal gerecht voor een informele maaltijd met vrienden of familie aan de keukentafel.

Flammenkueche is een gerecht uit de Elzas. Het is daar  een goed gebruik om ‘s avonds een glas wijn te gaan drinken in een Winstub en er dan een Flammenkueche bij te eten. Een soort pizza, een dunne laag deeg met daarop een mengsel van kwark en  room, belegd met  ui, spek en kaas. Een gezelschap bestelt een fles wijn en een paar Flammenkueche. De koeken komen één voor één op tafel. Ze worden op houten planken geserveerd, in 8 of meer stukken gesneden. Ieder eet dan een paar stukken en als de koek op is wordt er een volgende geserveerd. Zo is wat je op tafel hebt altijd lekker warm. Als je thuis deze Kueche maakt moet je dus tijdens de maaltijd wel even de volgende Kueche beleggen, maar als je zorgt dat alles klaar staat is dat zo gebeurd. Echt een keukentafelgerecht dus!
Dit is mijn versie van de Elzasser Flammenkueche;

  • Voor ongeveer 8 stuks (8 personen)
  • 1000 gram bloem
  • 2 zakjes gedroogde gist
  • 1 eetlepel olijfolie
  • zout
  • water

Laat de gist even weken in lauwwarm water. Meng dat door de bloem, voeg zout en olie toe en zoveel water tot je er een mooi soepel brooddeeg van kunt kneden. Kneed ongeveer 100 slagen en laat het deeg onder een doek rijzen op een warme plaats.
Na ongeveer 1,5 uur kneed je het deeg nog een keer goed door en verdeel je het in 8 porties. Laat de porties nog even rijzen.
Zet de oven op 220 graden en het bakken kan beginnen.
Voor de vulling gebruikte ik:

  • 400 gram volle kwark
  • 200 ml crème fraiche
  • peper en zout
  • 300 gram ontbijtspek in kleine reepjes
  • 5 flinke uien in ringen gesneden
  • 400 gram Munsterkaas in dunne plakjes gesneden.

Rol het deeg per portie uit tot een hele dunne lap. Vet de ovenbakplaten in met olie en beleg de bakplaat met het deeg. Smeer daarop een dunne laag van het kwark/crème fraiche mengsel. Verdeel daarop de uienringen en spekjes en schik de plakjes kaas zó dat ieder deel wat kaas heeft.
Schuif de bakplaat in de oven en bak ze in ongeveer 15 minuten mooi lichtbruin. Snijd de Kueche in 8 stukken en serveer ze dan op een houten plank. Begin meteen met de volgende Kueche.
De laatste Kueche belegde ik met partjes appel met wat honing en kaneel en een scheutje whisky.

Kopje espresso toe!

© ellen.

Hachis Parmentier voor een groot gezelschap

carnaval 2013 dinsdag
We hebben nog wat in te halen om te beschrijven op deze website, carnaval of niet; er moet toch gegeten worden! Traditioneel doen we dat met onze hele vriendengroep en wie er verder honger heeft kan ook mee-eten. Zo verzameld zich ieder jaar een bont gezelschap[ aan onze keukentafel. Dit jaar hadden we er ook in de kamer een tafel bijgezet; plaats voor zo’n 24 mensen in totaal. Het menu wordt ook steeds traditioneler; zondag Kerriesoep van Anita en nog een pan soep door mij gemaakt. Dit jaar maakte ik ossenstaartsoep met veel groenten. Erbij brood met kaas, ham of worst en een flinke schaal met komkommer en tomaten. Maandag maakte Neel een grote pan Limburgs Zoervleis; erbij brood, en tomaten en komkommer. En dinsdag Hachis Parmentier. Vorig jaar voor het eerst gemaakt voor het carnavalsgezelschap, dat beviel meteen zo goed dat ik het dit jaar maar weer maakte. Geen typisch carnavalseten, als dat überhaupt nog bestaat.  Vroeger aten mensen zelfgemaakte erwtensoep of boerenkoolstamppot met worst. In de keuken bij café Dientje kon je een prima uitsmijter bestellen of goeie zelfgemaakte soep. De laatste jaren zijn het vooral friet en frikadellen die er verkocht worden. Jammer, is er zoveel lekker eten te bedenken dan alleen maar vette hap. Goed, wij eten wel thuis, kunnen we ook even uitrusten.

Hachis is eigenlijk heel makkelijk klaar te maken in een flinke hoeveelheid. Je kunt alles van te voren bereiden. Je hoeft de schotels dan maar zo’n 40 minuten in de oven te verwarmen.

  • Voor een flink gezelschap:
  • 2 1/2 kilo half om half gehakt
  • 3 kilo uien, 1 kilo rode uien , 2 kilo gewone uien, in fijne ringen gesneden
  • wat gehakte platte peterselie
  • Puree van 6 kilo aardappelen
  • olijfolie
  • peper, zout en wat raz-el-hanout
  • wat kleine klontjes boter voor op de puree
  • 2 grote braadsleden van 26x37x6 cm Deze schalen kunnen tegelijk in mijn oven en zijn precies groot genoeg voor deze hoeveelheid

hachis

 

Ik begon dinsdag al vroeg met het bakken van het gehakt. Telkens een kleine portie in de koekenpan bruin bakken en verdelen over de bodem van de ovenschalen. Breng op smaak met peper, zout en wat raz-el-hanout kruiden. Daarna de uien, ook in porties bakken en over het gehakt verdelen. De fijngehakte peterselie erover strooien. Maak intussen puree van de gekookte aardappelen. ( stampen of door de knijper. Houdt de puree mooi luchtig. Verdeel de puree over de gehakt/uienmassa en leg er hier en daar een klein klontje boter op. Laat de Hachis in een voorverwarmde oven op 170 graden in ongeveer 45 minuten warm worden. Tomaten/komkommersalade erbij en je hebt een maaltijd voor zeker 22 personen zonder al teveel moeite.

De beide schalen gingen schoon op! Een prima bodem voor de laatste carnavalsavond.

Geen espresso toe; Bier!

© ellen.