Vakantie…

chinees

Toen ik vanochtend thuis kwam bedacht ik dat dit voorlopig weer de laatste
dag van het “vrijgezellenbestaan” was. Ik nam een lichte maaltijd tot me en
schonk me een glas witte wijn in. Ik had helemaal geen zin om naar bed te gaan.
Ik besloot dan maar een film in de DVD speler te schuiven en mijn eenzame week
feestelijk af te sluiten met een fles Champagne.

Dien ten gevolge lag ik veel te laat op bed, ergo was ik veel te laat weer
op. Van koken kwam niks. Afhaalchinees at ik, opgeleukt met wat zwarte
bonenpasta en een heerlijke sambal. Ik dronk er water bij, want het voelde nog
wat lichtjes in mijn hoofd.

Morgen haal ik Ellen op. Ze belooft kalfsschenkeltjes voor me te stoven…

© paul

Vaderdag.

vaderdag 003

Met moederdag schreef ik over mijn moeder. Vandaag, op vaderdag een blog over mijn vader.

Op de foto staan we samen op het strand. De foto is gemaakt in de strenge winter van 1963. De golven waren metershoog bevroren.

Mijn vader is geboren in Haarlem in 1896, we gaan dus meteen twee eeuwen terug. Mijn familie houdt wel van grote stappen. Mijn vader was dus al 60 jaar toen ik geboren werd. Dat lijkt misschien heel oud maar ik heb er nooit nadeel van ondervonden. Hij leerde mij schaatsen en gitaarspelen, holde achter mijn eerste fiets aan tot ik het helemaal zelf kon en leerde me de namen van allerlei bomen en planten. Samen gingen we op zaterdagmiddag naar de slijterij, zo’n mooie koele winkel was dat. Ik kreeg dan een flesje Joy, dat was toen nog heel bijzonder, frisdrank! Op de terugweg kochten we dan gebakjes bij bakker Kraai, die had de lekkerste tompoezen. Mijn vader was wat dat betreft een moderne man, in die tijd deden mannen geen boodschappen, dat was vrouwenwerk! Toen mijn moeder met haar twee jongste zussen drie weken naar Amerika ging om andere broer en zus te bezoeken, kookte hij elke dag wat wij samen het lekkerste vonden. In andere dingen was hij wel heel behoudend. Zo heeft hij jarenlang geweigerd om margarine op zijn brood te eten. Dat vond hij maar een nep-smaak. Ook koffiemelk kwam er bij ons thuis niet in. Gewoon losse melk en daarvan werd het bovenste deel afgeschept voor in de koffie. Ik kan hem eigenlijk geen ongelijk geven, dat smaakt ook veel beter.

vaderdag 008

Mijn vader was schilder en kon fijn werk maken. Het marmeren van hout was zijn specialiteit. Dat is een oude techniek waarbij gewoon hout zo beschilderd wordt dat het eruit ziet als marmer. Ook nerven aanbrengen zodat gewoon hout lijkt op oud eiken- of kersenhout hoort bij dat vak. Ik had een nachtkastje op mijn kamer van gewoon vurenhout. Hij had het beschilderd zo dat het hout, donker glanzend kersenhout leek, en het bovenblad was roze gemarmerd. Hij was ook heel bedreven in het vergulden van voorwerpen. Een velletje bladgoud uit een speciaal boekje werd dan met een kwast op een voorwerp aangebracht zodat er een klein laagje goud omheen kleefde. Ik was als kind diep onder de indruk van deze techniek; mijn vader kon dingen in goud veranderen!

Lang voordat ik geboren werd, in de jaren dertig van de twintigste eeuw, ging hij samen met zijn broer en nog wat mensen naar Frankrijk om daar in kerken en kastelen mee te helpen de schade van de Eerste Wereldoorlog te herstellen.
De foto hierboven is daar gemaakt. Linksachter mijn vader, rechtsachter zijn broer Leo. De foto werd samen met vele brieven naar huis gestuurd. Waar de foto precies gemaakt is weet ik niet, ik weet dat ze onder meer in de buurt van Verdun werkten.

Eind jaren negentig was het Ministerie in Verdun. Een bezoek aan de loopgraven en het monstrueuze herdenkingsbouwwerk op “het Veld van Eer” stonden al tijden op het programma, dit ten gevolge van Paul’s wat morbide hobby die ze in Noord Frankrijk “La Grande Guerre” noemen. Slagveldtourisme, het bestaat echt!
Het was niet meer dan logisch om tijdens die reis ook de oude vestingstad aan te doen. Een niet erg spannende stad, al het ouds is er in ’14-’18 kapot gebombardeerd en weggeschoten. De ruïnes werden gesloopt en er voor in de plaats kwam een grauwe architectuur, twintigste eeuws, nikszeggend.
De kathedraal is één van de weinige bouwwerken die werden gerestaureerd. Mijn vader heeft er aan mee gewerkt. Ook dat is een sober gebouw, opgetrokken in een grijze steen. Het voorheen rijke interieur ging tijdens een grote brand ten gevolge van de voortdurende beschietingen geheel verloren. Men heeft daarna geen kans gezien om nog maar een schijntje van de oude glorie terug te brengen in de kerk.

Kom je door de zij ingang de kerk binnen dan sta je vrijwel direct tegenover de doopvont. We liepen er onverschillig langs. Een grote achtkantige stenen bak met een koperen bassin. Geen staaltje van Rijke Roomsche Sierkunst. In het voorbijgaan viel mijn oog op verschillende openstaande naden in de doopvont. Open naden in steen? Nóg nadere beschouwing leverde een verbijsterende ontdekking. Het ding was van hout. En heel zorgvuldig was de beschildering die de doopvont tot een stenen bakbeest maakte. Geschilderd marmer, precies zoals het houten bovenblad van mijn nachtkastje vroeger. En toen wist ik het zeker: Dit heeft mijn vader gemaakt!
Een ontmoeting met mijn vader, over de tijd, over de dood, in een kille kerk in Noord Frankrijk. We zijn er maar bij gaan zitten, niet in staat verder nog wat te ondernemen…

© ellen

Ovenschotel met kip en aardappeltjes voor veel mensen

kip 033

Ik had al zo’n idee dat het druk zou worden vandaag op het Ministerie en ik wist dat in ieder geval één persoon zou blijven eten…Dan is het dus aan te raden iets op tafel te zetten waarvan veel mensen kunnen eten. Paul maakte een tijdje geleden Grieks knoflookhoen, dat leek me wel wat, maar dan net weer anders. Zo’n maaltijd is ook uit te breiden naar gelang het aantal gasten, je hoeft er niet veel voor te doen, (de oven werkt) en je kunt zo’n ovenschotel gewoon op tafel zetten voor een informele maaltijd met vrienden.

Vooraf wat wijn, plakjes Italiaanse worst, stukje kaas, plakjes coppa olijfjes enzovoorts.

Daarna deze ovenschotel voor zeker 6 personen;

1500 gram drumsticks van kip
1 kilo nieuwe aardappeltjes, geschrapt
500 gram zongerijpte tomaten
5 flinke tenen knoflook, gepeld en geplet
1 flinke lepel bouillon
1 theelepel saffraandraadjes
sap van 1 citroen en twee citroenen in plakjes
een paar grote takken rozemarijn een handvol basilicumblaadjes
1/8 olijfolie
peper en zout

Laat de saffraan even wellen in de lauwe bouillon. Maak dan een marinade van bouillon, citroensap, olijfolie, peper en zout.
Schik de aardappeltjes in de ingevette ovenschaal, leg er de stukken kip op en verdeel de tomaatjes erover.
Stop de rozemarijn basilicumblaadjes en geplette knoflookteentjes ertussen.
Giet de marinade erover en wacht even tot er genoeg gasten zijn om het allemaal op te eten.
(de smaken kunnen dan mooi even intrekken)

Verwarm intussen de oven voor op 200 graden en maak een flinke schaal salade met groene kropsla, eikenbladsla, tomaat, komkommer en lenteuitjes. Een neutrale dressing van olijfolie, citroensap, peper en wat zeezout. Een paar olijfjes, twee overgebleven artisjokken, een paar plakjes coppa…en wat er nog in huis is.

Schik nog wat plakjes citroen over de kip/aardappelschotel en schuif de ovenschaal in de oven. Laat het geheel zo ongeveer een uur garen.

Dien het gerecht op in de ovenschaal. Geef er de salade en wat brood bij en geniet! Alles ging “schoon op”, zelfs de laatste restjes saus werden met wat brood uit de schaal geveegd!

Toe voor de liefhebbers een stukje kaas; wat Grana Padano, Morbier en Grès des Vosges, maar daarover later.

gevonden stolp

Kopje thee of espresso met een stukje Siciliaanse cake.
© ellen

Kaasstolp…

stolp 001
Terwijl bijna heel Nederland gisterenavond naar “Onze Jongens” zat te kijken , maakte ik een flinke wandeling met Hond Max. Voetbal is aan mij niet zo besteed. Ik snap niets van het spel, maar zie wel dat er heel veel mensen van genieten! Mooie tijd voor mij en Hond Max om een rustige wandeling te maken. Geen verkeer op straat, alleen af en toe wat gejuich uit de verte. Mooi is dat zo’n doodstil dorp met af en toe van die verre vreugdekreten! Wij, Hond Max en ik, waanden ons in het paradijs. Wij liepen zomaar wat te snuffelen en te dromen tot ik plotseling naast een glasbak een felbegeerd ding zag staan; een echte kaasstolp! Precies zo één die ik al jaren wilde hebben! Gewoon achtergelaten bij een glasbak! Te groot om door het gat te stoppen stond de kaasstolp tussen een lelijke étagère voor bonbons en nog wat ‘te groot glas’. Ik heb mij dus meteen ontfermd over de kaasstolp, de wandeling met Hond Max ingekort en het ding thuis een ferme wasbeurt gegeven.

Mooi schoon stond hij vandaag op onze tafel te pronken met een heftig ruikend kaasje eronder. Nu kunnen wij eindelijk kaas eten die perfect op temperatuur is, zonder dat het hele huis naar kaas ruikt!

Dank aan de anonieme opruimer, wij zijn er heel blij mee!!!
© ellen.

Pasta met doperwtjes, artisjokken en tomaat

pasta met kip, artisjokkenhartjes en tomatensaus 001

Paul is gisteren aan zijn knie geopereerd. Geen ernstige ingreep, hij mocht aan het eind van de middag weer naar huis en alles gaat, naar omstandigheden prima. Ik wist niet goed wat ik zou koken en of de patiënt wel zin in eten zou hebben. Ik kocht dus maar een biologische kipfilet, daar leek me wel een licht maaltijd mee te maken en je kunt er alle kanten mee op. Paul bleek best trek te hebben en ik maakte een snelle geïmproviseerde pasta.

1 biologische kipfilet in stukjes gesneden
wat olijfolie
2 kleine chilipepertjes
2 tomaten
een handjevol diepvriesdoperwtjes
4 artisjokkenharten uit blik, in vieren gesneden
1 flinke teen knoflook, geplet en gehakt
Ik gebruikte een platte pastasoort, linguine.

Verwarm de olijfolie en bak daarin de stukjes kip snel bruin. Bak de knoflook en de pepertjes even mee en doe er dan de tomatenstukjes bij en de artisjokken. Blancheer de erwtjes een paar minuten en voeg ze ook toe.
Doe er eventueel een scheutje witte wijn bij of wat bouillon om het wat smeuïger te maken.
Kook intussen de pasta al dente schik ze op een mooie schaal. Schep het kip-groentenmengsel erover en dien snel op.

© ellen.

Pastarol met paddenstoelen en ham

zelfgemaakte pasta

We hadden zin in lasagna, maar niet van die gewone met Bolognese saus. Ik besloot weer eens iets te doen met onze voorraad gedroogd eekhoorntjesbrood. Als het weer zo belabberd blijft kunnen we binnenkort weer verse plukken, het is er vochtig genoeg voor.
Ik maakte al eerder een pastagerecht met paddenstoelen, dit lijkt erop, maar is natuurlijk net weer iets anders. Het oorspronkelijke idee komt uit een Luxemburgs kookboek maar ik heb er zoveel aan veranderd dat het recept een eigen leven is gaan leiden.
Het is voor dit gerecht noodzakelijk dat je zelf verse pasta maakt, gedroogde pasta is niet te koop in deze maten.
Ik maakte pastadeeg van 300 gram harde tarwebloem en drie eieren. Dat is teveel deeg voor 2 personen. Van de rest maakte ik tagliatelle. Die bewaar ik tot morgen op een schone theedoek.

Neem voor vier personen:

voor het deeg
300 gram pastameel, meel van harde tarwe
3 eieren
beetje zout.

voor de vulling
een beetje olijfolie
25 gram gedroogd eekhoorntjesbrood
een doosjes grotchampignons
2 ons gekookte achterham ( in stukjes)
2 tenen knoflook
1 bosje platte peterselie
peper en zout

maak een bechamelsaus van
20 gram boter
20 gram bloem
50 gram Parmezaanse kaas
125 ml weekvocht van de paddenstoelen en 125 ml melk
wat versgeraspte nootmuskaat en zout

Doe het meel in een kom en maak een kuiltje in het midden. Breek daarin de eieren en werk ze door het meel.
Kneed het deeg tot een mooie bal en laat die, verpakt in folie, 20 minuten rusten.
Bestrooi het werkvlak met bloem, dat voorkomt dat het deeg gaat plakken.
Rol het deeg dan uit totdat het de gewenste dikte heeft. Met de pastamachine gaat dat heel gemakkelijk. Draai het deeg er een aantal keren door op stand 1 totdat je een gladde lap hebt. Verzet dan de standen steeds met één tegelijk en draai er het deeg door. Voor deze pastarol gebruik ik uiteindelijk stand 7.

zelfgemaakte pasta

Week intussen 25 gram gedroogd eekhoorntjesbrood in wat lauwwarm water. Knijp de paddenstoelen uit maar gooi het weekwater niet weg dat kun je gebruiken om de bechamel meer smaak te geven.

Bak de champignons in de olie en voeg de geplette knoflook toe. Doe er dan de stukjes eekhoorntjesbrood bij en strooi er de peterselie over en peper en zout.

Snijd vier lappen pastadeeg van ongeveer 50 cm en kook de pasta 2 minuten in ruim gezouten water.
Schep ze voorzichtig uit het water en leg ze op het werkblad.
Leg op het deeg de stukjes ham en schep er wat van het paddenstoelenmengsel op.

zelfgemaakte pasta

Vouw de pasta nu in de breedte losjes op elkaar en rol de reep gevulde pasta op.
Verdeel de bechamelsaus over de bodem van een ingevette ovenschaal en leg de pastarollen erop.
Strooi er wat Parmezaanse kaas over en zet de schaal in een voorverwarmde oven op 200 graden.
Bak de pastarol 25 minuten.
Serveer per persoon één pastarol.
Geef vooraf een frisse salade.

zelfgemaakte pasta

Natuurlijk een kopje espresso toe, mét een oranje tompoes!

© ellen.

Saffraanrisotto…

risotto milanese 015

Ik loop nog steeds een dag achter met het beschrijven van het eten en drinken op het Ministerie. Ik ben nu al twee dagen noodgedwongen thuis (de bussen staken nog steeds hier in Brabant en ik ben afhankelijk van het openbaar vervoer). Genoeg tijd dus zou je zeggen, maar het is hier in huis rommelig druk. Veel bezoek, veel klusjes enzovoorts. Maar goed, de rust lijkt voor een aantal uren weergekeerd en zo heb ik even tijd om de risotto te beschrijven die we gisteren aten.
De oplettende lezer heeft het al gemerkt, wij zijn even helemaal in de risotto. Dankzij het prachtige boek van Giogio Locatelli leer ik elke dag een beetje meer over het geheim van goede risotto. In zijn boek “Made in Italy” verteld hij in een uitgebreid hoofdstuk over risotto; de soorten rijst die het beste passen bij de verschillende risottogerechten, de techniek van het koken, de bouillon die je gebruikt en de ‘mantecatura’.
De mantecatura is de fase tegen het einde van de kooktijd, waarin boter en kaas door de rijst geroerd worden, waardoor het gerecht heerlijk romig wordt.
Risotto wordt in Italie bijna altijd als zelfstandige gang opgediend. Een uitzondering is de saffraan risotto die geserveerd wordt bij osso buco, of cotoletto alla Milanese. Gisteren maakte ik de saffraanrisotto. Ik had geen kalfsschenkel of coteletten dus besloot ik de saffraan risotto als zelfstandige gang te serveren.

voor vier personen (een beetje overhouden is niet erg, er zijn prachtige recepten voor de restjes)
2 1/2 liter kippenbouillon
50 gram boter
1 ui, heel fijn gesneden
400 gram carnarolirijst
1 glas droge witte wijn
1 koffielepel saffraandraadjes
1 koffielepel tomatenpassata

maak de risotto romig met;
75 gram boter en 100 gram vers geraspte grana padano of Parmezaanse. Eventueel zout en peper.

Traditioneel wordt in deze risotto ook wat merg gebruikt. De risotto wordt daardoor nóg romiger. Gebruik dan ongeveer 50 gram merg. Laat de mergpijpjes een uur spoelen in koud water. Haal de merg eruit en hak het fijn. Smelt de ui tegelijk met de boter en de ui.

Breng de bouillon aan de kook en houd op temperatuur tegen de kook aan. (zet de pan bouillon naast de risottopan).

Smelt de boter in een pan met een dikke bodem. Fruit hierin de ui zachtjes glazig.

Doe de rijst erbij en roer goed tot alle korrels met boter bedekt zijn. Als alle korreltjes heet zijn kun je de wijn toevoegen. Laat de wijn verdampen tot de ui en rijst droog zijn. Doe dan de saffraan erbij.

Voeg nu bouillon toe, telkens een á twee soeplepels per keer. Roer voortdurend over de bodem van de pan. Als de bouillon is opgenomen voeg je weer nieuwe toe.
Ga op deze manier 15 tot 20 minuten door en blijf roeren tot de rijst gaar is. De korrels moeten van buiten gaar zijn en van binnen nog wat ‘beet’ hebben.

Draai het vuur uit en laat de risotto een minuut rusten. Meng dan de koude boter en de kaas door de risotto. Breng verder op smaak met wat peper en zout.

© ellen.

Salade van Hauwkes, oftewel peultjes met geitenkaas

peultjes salade 002

Wij lopen een beetje achter met het beschrijven van onze eetbelevenissen, druk, druk, druk is het hier.
Eerst maar het verslag van het eten van gisteren:

Heer Skukhorzel was even in het Brabantse Land en bracht ons peultjes uit eigen tuin en eieren van zijn vrolijke kippen. Nu vinden wij verse peultjes altijd lekker. Het peulenseizoen is maar kort, je moet er op tijd bij zijn en van genieten. De peultjes van Heer Skukhorzel zijn zo bijzonder dat we er ieder jaar weer naar uitkijken!
Fris geurend, knapperig, mooi lentegroen en gewoon zonder vlieguren, rechtstreeks uit de Achterhoek,
s’ morgens geplukt, s ‘avonds in de pan, dat is het ware genot!

De enorme zak peulen bevatte een hoeveelheid die wij zo samen niet in één keer opeten, dus besloot ik om een salade te maken en de rest te bewaren om de volgende dag gewoon te koken.
Ik had nog wat rucola en twee geitenkaasjes, dat leek me een goede combinatie om een salade mee te maken.

Peultjessalade voor twee personen:
500 gram peultjes
een handjevol rucola
5 kleine tomaatjes
1 kleine ui, in fijne ringentjes gesneden
2 eetlepels olijfolie
1 theelepel citroensap
wat zwarte peper
twee geitenkaasjes met ontbijtspek

peultjes salade 010

De peultjes twee minuten blancheren in gezouten water. Dan afgieten en even laten schrikken in ijskoud water.
De rucola, de peultjes, uiringen, gehalveerde tomaatjes op een schaal schikken.
De geitenkaasjes even zachtjes bakken en op de salade leggen.
Een dressing maken van olijfolie, citroensap en wat zwarte peper en over de salade schenken.

Wij aten de salade vooraf, gevolgd door een flinke entrecote van de gril met wat saffraanaardappeltjes. Een mooie maaltijd.
Kopje espresso toe.

peultjes salade 014

Wij zaten nog na te genieten van de maaltijd toen de eerste gasten alweer aan de deur stonden.
Het Kind van Het Ministerie is dol op peultjes en natuurlijk kreeg zij een deel uit de peulenvoorraad. Daarna kwamen Ans en Hijn, ook zij kregen een portie. En als klap op de vuurpijl; De Keizer van Monera. Die wilde er ook wel een paar…

Het moge duidelijk zijn Heer Skukhorzel; U heeft weer veel Gemertenaren laten genieten van de peulenoogst!

© ellen.

Spaghetti met witte pensen…

luxemburg juni 2008 008

Het was so-wie-so een weekend van slachtafval en onkruid. (Wat staat dat er lekker provocerend!)
We aten kalfslever, black pudding, pensworsten en varkenspasteitjes. Brandnetels in de risotto en wilde majoraan bij de gestoofde kwartels. De braamstruiken woekerden als nooit te voren, maar ook nooit heb ik ze zo overdadig zien bloeien als dit weekend.

We waren dus in Luxemburg.
We hadden geen mondvoorraad bij, dus wipten we op de heenweg even binnen bij een plattelands-super op de grens van België en Luxemburg, om het meest noodzakelijke in te slaan. Wat wijn, wat brood, room voor in de koffie, spek voor bij de eieren, blikje voor de hond. Een paar stuks fruit en een trosje tomaten. Dat zou volstaan voor het ontbijt van de volgende ochtend. Vanavond gingen we uit eten.
In het voorbij gaan zag ik pensworstjes in het schap, van de boerderij. Ik kon ze niet laten liggen.

Evenwel aangekomen op onze stek ontbrak het me aan alle lust om nog een voet te verzetten. Ik kwam uit de nachtdienst en was ongeveer vierentwintig uur op. Zelfs een bezoek aan Zheng kon ik niet meer opbrengen.
Wél moest er nog gegeten worden…

Ellen improviseerde dan maar een spaghettischotel.
Ze sneed de witte pensen in schijfjes en bakte ze met wat wilde majoraan. Flink peper erbij en een scheut room. Terwijl dat potje even sudderde kookte ze goede spaghetti.
Ze stortte alles in een schotel en onze maaltijd was klaar.
Nou heb ik doorgaans weinig te klagen lezer, maar deze schotel leverde me een pastamaaltijd zoals ik al weer tijden had moeten ontberen.
Zo verschrikkelijk lekker…
En een geheel nieuw recept: Spaghetti met pensen!

© paul

Risotto alle ortiche, risotto met brandnetels.

luxemburg juni 2008 061

Onze vaste lezers hebben het denk ik al begrepen, wij waren even een paar dagen naar Luxemburg. Een paar dagen lekker luieren, wat lezen en wat boodschappen doen. Vorige week heb ik het boek “Made in Italy” van Giorgio Locatelli gekocht en daar heb ik heerlijk in zitten lezen. Een echte recensie schrijf ik later nog wel, nu eerst maar een recept uit dit mooi boek.
Tot onze ergernis groeien er opeens allemaal brandnetels rond onze caravan en tot mijn grote vreugde staat er in het boek van Locatelli een recept van risotto met brandnetels!
Ik weet niet meer van wie de spreuk komt maar wel heel toepasselijk: “If you can’t beat them, eat them”.

luxemburg juni 2008 013
Dit recept is een prima oplossing voor die stekelige dingen.
Het is ook precies de goede tijd voor mooie jonge brandnetels. Pluk de jonge exemplaren. Doe wel handschoenen aan, of als je die niet in de buurt hebt, een plastic zakje om je hand. Pluk alleen de blaadjes, de steeltjes zijn wat taai.

Voor vier personen;
400 gram risottorijst, Locatelli raadt aan om vialone-nano rijst te gebruiken
2 handenvol jonge brandnetelblaadjes (bewaar een paar blaadjes voor de garnering)
2 1/2 liter bouillon
50 gram boter
1 kleine ui, heel fijngesneden
1 glas droge witte wijn
zout en peper

75 gram koude boter in kleine blokjes gesneden
100 gram geraspte Parmezaanse kaas

Blancheer de brandnetels een paar seconden in ruim kokend water met wat zout. Giet ze af en pureer ze in de foodprocessor. (in onze caravan heb ik die niet dus hakte ik de brandnetels gewoon fijn, dat gaat ook prima)
Breng de bouillon aan de kook en zet die naast de risottopan. Houd de temperatuur van de boullon tegen de kook aan.

Smelt de boter in een pan met een dikke bodem. Fruit hierin de ui zachtjes glazig.
Doe de rijst erbij en roer goed tot alle korrels met boter bedekt zijn. Als alle korreltjes heet zijn kun je de wijn toevoegen. Laat de wijn verdampen tot de ui en rijst droog zijn.

Voeg nu bouillon toe, telkens een á twee soeplepels per keer. Roer voortdurend over de bodem van de pan. Als de bouillon is opgenomen voeg je weer nieuwe toe.
Ga op deze manier 15 tot 20 minuten door. Doe na 10 minuten de brandnetelpuree erbij. en blijf roeren tot de rijst gaar is. De korrels moeten van buiten gaar zijn en van binnen nog wat ‘beet’ hebben.

Draai het vuur uit en laat de risotto een minuut rusten. Meng dan de koude boter en de kaas door de risotto. Breng verder op smaak met wat peper en zout.

Frituur voor de garnering een paar blaadjes brandnetel in een laagje olie.

luxemburg juni 2008 064

Wij hebben genoten van deze mooie risotto, een aanrader!

© ellen